Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voor, al is dit zeldzaam, dat zulke spleten genoegzaam ver proximaalwaarts reiken en niet alleen de boogvezels in het proximale einde der medulla oblongata, maar ook die in het distale einde van den pons Varoli vernietigen. Dan kan het somwijlen gebeuren, dat ook korte systemen, voor het centrale deel van het stratum lemnisci bestemd te niet gaan, zoodat er ter hoogte van den liersensteel van den lemniscus niets meer over is dat aan een lemniscus herinnert.

Een zoodanig praeparaat is in mijn bezit. Een éénzijdige, zich ver proximaalwaarts voortzettende spleetvorming is de aanleiding geworden tot een bijna volkomen atropliie van den gekruisten lemniscus. In het stratum lemnisci der varolsbrug staat slechts een kleine rest op de grens van de centrale en laterale afdeeling. In de hersensteel is alleen de meest dorsale punt van den haakvormigen lemniscus in het bezit van vezels. De mediale lemniscus verdween, omdat alle boogvezels uit achterstreng-kernen en uit trigeminuskern der gekruiste zijde doorsneden zijn. De spleet heeft echter niet den tractus spino-thalamicus vernietigd. Hij ging, reeds in het ruggemerg gekruist, intact verder en heeft zich ter hoogte van den naar buiten gaanden trigeminuswortel bij den lemniscus gevoegd. Daarentegen heeft de spleet wel alle octavus-boogvezels vernield, hetgeen gevolgd is door een volslagen atrophie van den lateralen lemniscus. Eindelijk zijn bijna alle nog hooger ontsprongen boogvezels uit het trigeminusgebied afgesneden, ook die, welke zich als korte systemen in de centrale afdeeling van het stratum lemnisci bijeenvoegen. Alleen de tractus spino-thalamicus is in den lemniscus van den hersensteel overgeschoten (zie fig. 306 Aia;). Alle andere vezels van den lemniscus zijn te niet gegaan.

Fig. 306 A, Ai en B, Bi bevat de afbeeldingen van met elkander vergelijkbare doorsneden der beide helften van den hersensteel dezer serie. In tig. 306 A en B zijn de teekeningen van den normalen hersensteel, in fig. 306 Ai en Bi die van den hersensteel, waarin de lemniscus verdwenen is, gekruist aan de zijde der spleet.

De lemniscus in den normalen hersensteel heeft weder de vorm van een haakvormig omgebogen vezelveld (fig. 306 A le.), dat zich van de roode kern (n. r.) tot aan het middelste merg van den voorsten heuvel van het mesencephalon toe uitstrekt. Vezels uit de dorsale vlakte van het lemniscusveld stralen in het mesencephalon uit.

Van dit machtige vezelveld van den lemniscus is in den hersensteel, welke in fig. 306 Ai is geteekend, ongeveer niets overgebleven. Gespaard is slechts het meest dorsale gedeelte ervan (bij x). Dit kleine veldje mag derhalve beschouwd worden als de voortzetting van den tractus spinothalamicus. Vezels, die uit dit veld naar het middelste merg van den voorsten heuvel loopen, vormen het spino-tectale aandeel van dien bundel.

De vezels die daarheen uitstralen, zijn echter grootendeels andere vezels uit den lemniscus, dan die welke de tractus spino-thalamicus er heen zendt. Want tengevolge van het wegvallen der lemniscusvezels is, zooals

Sluiten