Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De verbindingskring: „c e r e b e 11 u m — brachium conjunctivum — roode kern — cortex cerebri — pedunculi cerebri — stelsel der bruggekernen — bruggearm — cerebellum", is een in zich zelf gesloten kring.

Voor deze kringverbinding heeft Jelgersma, reeds vele jaren geleden, het eerst de aandacht gevraagd. Misschien is de beteekenis van deze gedachte niet genoeg gewaardeerd, omdat de naam, die er door hem aan is gegeven

— een intellectueel systeem — niet bijzonder gelukkig was.

Die kringverbinding heeft evenveel of even weinig met intellect te maken, als andere, samengestelde, over den cortex cerebri heen geleidende, reflex-stelsels. Waarschijnlijker is, dat dit stelsel een groote rol speelt bij de hoogst samengestelde instellings-reflexen, die bij den mensch, boven alles noodig en belangrijk zijn. Het moet stellig een rol spelen:

le. voor onzen opgerichten lichaamsstand en voor de daartoe bijeengevoegde bewegings-mogelijkheden van den gang en voor de dan geëischte juistheids-instellingen van romp, kop en oogen;

2e. voor de functie der spraak, met de ontzaglijk fijne nuanceering van rythmische bewegingsc-ombinaties, die daarvoor noodzakelijk is.

In elk geval is deze kring-verbinding een uiting van het feit, dat pallium en cerebellum onafscheidelijk aan elkander zijn verbonden. Derhalve is zij in overeenstemming met de embryologie en de vergelijkende anatomie, die ons leeren, dat bij de gewervelde dieren het cerebellum, als octavus-hersenen ontstaat (Judson Herrie k) even vóórdat het pallium verschijnt en dat later beide onderdeelen aan elkanders ontwikkelingsgang zijn gebonden.

Tevens mag men zeggen, dat deze kringverbinding van phylogenetisch gezichtspunt uit, zeer jong is en tot de allerlaatst ontwikkelde gedeelten van het zenuwstelsel behoort.

Dit blijkt al dadelijk uit het feit, dat deze kringverbinding — men zou kunnen zeggen — gebouwd is bovenop stelsels, die op hun beurt samenstellingen zijn van een groot aantal veel eenvoudiger systemen.

Ons zijn een groot aantal eenvoudige systeem-combinaties bekend, die op den eersten aanblik eveneens kringverbindingen schijnen. Een deel der aanvoerende vezels van het gesegmenteerde orgaan, bepaaldelijk van het ruggemerg (spino-cerebellaire wegen) gaat naar het cerebellum en keert langs bind-arm en roode kern, via den tractus rubro-spinalis naar het ruggemerg terug. Zulk een geheel is bijv.: „medulla — spino-cerebellaire wegen — p a 1 a i o-c erebellum — bind-arm — roode kern — tractus rubro-spinalis

— medulla". Het verschilt desniettemin van de eerstgenoemde kringverbinding.

Vooreerst is de laatstgenoemde verbinding niet precies een gesloten kring. Eigenlijk begint zij in de achter-wortels en verlaat het centrale stelsel met de voor wortels.

Ten tweede behoort deze systeem-combinatie tot een in phylogenetischen zin veel ouder, misschien zelfs zeer oud geheel.

Sluiten