Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heeft verloren en niet verder is gevolgd. Meer dan dat: de flocculus, hoezeer ook een phylogenetisch zeer oud orgaan, is bij den mensch een regressief orgaan tevens. Een andere ontwikkelings-richting is bij den mensch naar den voorgrond gekomen, een richting, die door worm en hemispheer vertegenwoordigd is. Zelfstandig ontwikkelt zich de flocculus tot op zekere hoogte, blijft dan staan, bekommert zich niet om de rest, totdat het nieuwe orgaan in zeker stadium is gekomen, waarop het verbindings-spel ook daar kan beginnen. Maar dat is eerst zeer laat, want het duurt lang, eer het nieuw uitgroeiende orgaan tegen het oudere, dat reeds klaar was, is aangegroeid.

II. Gronden door de pathologische anatomie geleverd, die voor het bestaan van een palaio- en een neo-cerebellum pleiten.

De feiten, die de pathologische anatomie ons in bepaalde omstandigheden heeft leeren kennen, zijn in overeenstemming te brengen met hetgeen de ontogenesis, zoowel als de phylogenesis van het menschelijk cerebellum ons hebben geleerd.

In dit opzicht moet men er zich rekenschap van geven, dat de resultaten der ontogenie en der pathologische anatomie eenerzijds met elkander vergelijkbaar zijn, maar anderzijds in zeker opzicht in tegenstelling komen met die der vergelijkende anatomie.

De vergelijkende anatomie beoordeelt den uitwendig zichtbaren vorm van het cerebellum, maar het zal nog een aanzienlijke hoeveelheid arbeid kosten eer zij in haar studies over het oud- en jong cerebellum de uitwendige vormen in verband heeft gebracht met de aanvoerende en uitvoerende banen. Toch is dat een eisch.

Want al is het volstrekt niet ondenkbaar, dat eenvoudige vormvergrooting samengaat met eenvoudige vergrooting van één aanvoerend systeem en daardoor veroorzaakt wordt, het is evenzeer begrijpelijk, dat dezelfde vormvergrooting tot stand komt, wanneer zich naast of in het reeds bestaande systeem, een nieuwe aanvoerende baan gaat vormen. Ook daar geldt, dat het nieuwe, geleidelijk ontstaand, zich eerst tusschen het oude invoegt en eerst als de beschikbare ruimte onvoldoende wordt, zich gedeeltelijk er tusschen, gedeeltelijk er naast plaatst.

De ervaring bij daartoe geschikt pathologisch materiaal verkregen, geeft nu inderdaad een aanwijzing, dat het neo-cerebellum, bij menschen in hoofdzaak afhankelijk van de machtige ontwikkeling der groote hersenen, van het neo-pallium dus, gedeeltelijk tusschen het oude is ingevoegd en gedeeltelijk daarnaast is geplaatst.

Het spreekt van zelf, dat voor ons doel in de eerste plaats in aanmerking komt, die half zij dige atrophie der kleine-hersenen, welke gevolg is van primaire, in de vroegste jeugd of nog vóór de geboorte verkregen, omvangrijke verwoestingen van het gekruiste hersen-halfrond. Dergelijke encephalitische processen kunnen in het z.g. neo-pallium zijn gezeteld en het rhinencephalon soms geheel vrij laten.

Sluiten