Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ie. De groote ontwikkeling der pedunculaire kernen bij de kat. Dit staat vermoedelijk in verband met de veel grooter ontwikkeling en beteekenis, die de coitico-spinale en parieto-pontine wegen bij de carnivoren verkregen hebben.

2e. De, bij de carnivoren iets meer tot ontwikkeling geraakte, dorsale kern, die bij het konijn nog nauwelijks is te vinden en in samenhang waarmede het stratum profundum bij het eerste dier is aangeduid, bij het tweede nog geheel of nagenoeg geheel ontbreekt.

Dit houdt verband met de nog geringe beteekenis, die bij beide de frontopontine banen bezitten, welke wij bij den mensch zulk een zeer belangrijke rol zien spelen.

Het heeft zeer lang geduurd eer men het bruggekern-stelsel bij den mensch volgens hetzelfde beginsel heeft durven rangschikken, als men het bij de lagere zoogdieren heeft gedaan.

Borowiecki heeft dit nog niet gewaagd. Eerst door Masuda. die weder steunde op het werk van Borowiecki, is daartoe een poging gedaan. Ofschoon ik dichter bij de opvattingen van den eerstgenoemde sta, hebben toch de onderzoekingen van Masuda den grootsten stoot voor de hier gevolgde indeeling gegeven.

Het in fig. 450 gegeven schema kan ook op het bruggekern-stelsel der menschen-hersenen worden overgedragen, mits men rekening houdt met eenige kenmerkende bijzonderheden, die zich daarbij voordoen.

Men kan die bijzonderheden gemakkelijk overzien, wanneer men een dwarse doorsnede door het onderste derde deel van de V a r o 1 s brug onderzoekt bij het foetus van 27 c.M. lengte, dus tegen het einde der zesde zwangerschapsmaand. De neuroblasten van het corpus ponto-bulbaire van Essick, dat nu niet meer aantoonbaar is, hebben zich op dat tijdstip reeds gegroepeerd tot de later blijvende celgroepen. De vezels in de V a r o 1 s-brug zijn wel aangelegd, maar men wordt nog niet gestoord door den verwarrend grooten rijkdom aan merghoudende vezelbundels, die voor den beginner het overzicht van het bruggekern-stelsel belemmeren.

De eigenaardigheden van het menschelijke brugge-kern-stelsel zijn echter op dit tijdstip reeds zichtbaar.

Daarom is in fig. 454 de afbeelding gegeven eener frontale snede door het distale derde gedeelte der brugge-kernen van zulk een foetus.

De dorsale kern — de kern, die evenals het stratum profundum bij het konijn bijna geheel ontbreekt en bij de kat nog nauwlijks was aangeduid — heeft in dit praeparaat een buitengemeen grooten omvang. Het bezit van een dorsale kern van grooten omvang en een daaraan beantwoordend sterk ontwikkeld stratum profundum met dikke vezelbundels, is kenmerkend voor het menschelijk zenuwstelsel. Geen ander zoogdier bezit een dergelijke, waarlijk reusachtige ontwikkeling van de dorsale kern en van het vezelstelsel in het stratum profundum der \ a r o 1 s-brug.

Sluiten