Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Uitsluitend wordt hier met bind-arm bedoeld, de zeer aanzienlijke vezelmassa, die gedeeltelijk uit de kleine-hersenen, gedeeltelijk uit den zijwand der medulla oblongata ontspringt, langs den lateralen wand der substantia grisea centralis en langs den Aquaeductus Sylvii in proximale richting loopt, tijdens dien loop een steeds meer ventrale en mediale plaats in het tegmentum inneemt en zich ten slotte onder de heuvels van het mesencephalon met die der andere zijde in de raphe kruist, in de omvangrijke kruising van het tegmentum, die men den algemeenen naam geeft van de commissuur van Wernekink.

Over den oorsprong dezer vezels kan reeds in normale praeparaten veel belangrijks worden vastgesteld. Betrekkelijk gemakkelijk is dit bij dieren, waar de brugge-arm-stelsels nog niet, zooals bij den mensch, tot het machtige alles omvattende geheel zijn geworden. Bij dieren, van welke het cerebellum wel volgens dezelfde regels gebouwd is, al is het op eenvoudiger leest geschoeid, zal men bijzonderheden leeren kennen, die niet in overeenstemming zijn met de heerschende voorstellingen, volgens welke men zich den bind-arm denkt. Hij is niet alleen een bundel, die uitsluitend verbinding maakt tusschen nucleus dentatus en roode kern. In werkelijkheid voert de bind-arm talrijke vezels van andere herkomst, die men, als men hen eenmaal bij eenvoudiger gebouwde hersenen kent, ook bij den mensch gemakkelijk zal weervinden.

Als uitgangspunt voor de beschrijving zijn de hersenen van een konijn gekozen.

Volgt men in een reeks normale hersen-doorsneden van dit dier den bind-arm in proximale richting, dan doet men wel, het onderzoek te beginnen daar, waar de 4 cerebellaire kernen nog gezamenlijk door éénzelfde snede getroffen worden, dus daar, waar de medulla oblongata in het cerebellum overgaat. Dat is ongeveer de plaats, waar het corpus restiforme afbuigt naar de centrale cerebellaire mergmassa en waar, door het corpus juxta-restiforme (M o n a k o w's I. A. K.) heen de beide (mediale en laterale) vestibulo-nucleaire stelsels (zie § 4 blz. 215) in dorsale richting loopen en overgaan naar de twee mediaal geplaatste cerebellum-kernen.

Even proximaal van deze plaats (fig. 490 A) ziet men, dat de meest laterale kern (fig. 490 n. lat.), de nucleus dentatus van het konijn, die men gewoonlijk met den naam van oliva cerebelli bestempelt, omdat zij den vorm heeft van een gewonden band, aan haar mediale zijde oorsprong geeft aan talrijke vezels, die in mediale richting min of meer convergeeren.

Deze vezeltjes vereenigen zich tot een aanvankelijk streng mediaal gerichten, transversalen, vezelbundel, die den eersten aanleg vormt van den bind-arm of bracliium conjunclivum cerebelli of bovensten kleine-hersen-steel.

Bij zijn oorsprong wordt deze bundel doorboord door de vezels, die uit het corpus juxta-restiforme in dorsale richting gaan (fig. 490 I. A. K.) Het zijn de vezels, die den tractus vestibulo-fastigii samenstellen (fig. 490 tr. ve. fast.), welke mediaal gevonden wordt, alsmede den tractus vestibuloglobosus, welke lateraal van den eersten is geplaatst.

De hoofdmassa dezer vezels wendt zich naar de twee mediale cerebellum-

Sluiten