Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dorsaal van den haakbundel, als een gesloten bundel te vormen (fig. 490 A tr. sp. c. ve.).

Even meer proximaal (fig. 490 B), wanneer de nucleus globosus niet meer getroffen wordt, is de wordende bind-arm al zeer in omvang toegenomen. Altijd door stroomen daarheen vezels uit de oliva cerebelli, die, voor een deel ten minste, gelijk te stellen is met den nucleus dentatus cerebelli van den mensch (fig. 490 B n. lat.). Tevens echter ziet men, dat nog een tweede cerebellaire kern, de nucleus emboliformis verschijnt (fig. 490 B n. embol.). Bij het konijn is zij dorsaal van de stria acustica van Monakow geplaatst. Deze kern geeft eveneens een groot aantal vezels af aan den daardoor in omvang aangroeienden bind-arm. Vooral het ventro-laterale gebied er van wordt door deze vezels versterkt.

Men krijgt te dezer hoogte nog sterker den indruk, dat vezels uit het corpus juxta-restiforme in den bind-arm overgaan. De beide mediale kernen zijn reeds niet meer door de snede getroffen en toch ziet men een dichte massa vezels naar het bind-armveld toe ombuigen en daar binnentreden.

De bind-arm is thans veel dichter genaderd tot den tractus uncinatus en tot den tractus spino-cerebellaris ventralis, maar behoudt vooralsnog zijn plaats lateraal van hen.

Verder voortgaand in proximale richting (fig. 490 C) verdicht zich de bind-arm tot een massief veld, dat echter, ondanks merkbare verplaatsing in ventrale lichting., nog zijn plaats lateraal van tractus uncinatus en tractus spino-cerebellaris ventralis behouden heeft. De oliva cerebelli (n. lat.) en de nucleus emboliformis (n. emb.) liggen thans boven elkander gestapeld. Hun vezels versterken altijd nog het veld van den bind-arm (br. conj.). Maar het is thans aan geen twijfel onderhevig, dat er, behalve uit het cerebellum, ook voortdurend vezels uit het corpus juxta-restiforme in den bind-arm ombuigen. Die vezels zijn meerendeels afkomstig uit den nucleus triangularis en uit andere eigen kernen, die men in het corpus juxta-restiforme vindt en er worden er zelfs door den nucleus sensibilis N. V. geleverd.

Nog verder proximaal-waarts (fig. 490 D) heeft de aanvoer van vezels uit de laterale cerebellaire kernen naar den bind-arm opgehouden. Het corpus restiforme is tusschen oliva cerebelli en bind-arm ingeschoven. De bind-arm begint op de doorsnede de hem kenmerkende halvemaan-vormige gestalte aan te nemen. De aanvoer van cerebellum-vezels erheen heefteen einde genomen. De bind-arm ligt voor goed ventraal van den tractus uncinatus (die dorsaal om hem heenbuigt, hem verlaat en langs den medialen rand van de area ovalis in distale richting zal loopen) en van den tractus spino-cerebellaris ventralis.

Ook in deze doorsnede is het niet twijfelachtig meer, dat er zeer vele vezels uit het corpus juxta-restiforme (fig. 490 D I. A. K.) in de ventrale vlakte van het halvemaan-vormige veld van den bind-arm overgaan. Zij stroomen in grooten getale er heen en geven den ventralen rand een gekarteld aanzien.

Sluiten