Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

toevoeging vond plaats in het tegmentum. Als nieuwe organen kwamen bij het oudere ruggemerg bijv. achterstrengkernen — waarin lange ascendeerende vezels voor het diëncephalon verzameld werden—, olijfkernen, zijstrengkernen, eigen kernen van het corpus restiforme, alle afhankelijk van het cerebellum.

Ingevoegd tusschen de oudere bestanddeelen in het ruggemerg, ontvangen zij of zenden zij daarin verbindingswegen naar de meer proximale zenuwgedeelten.

Door den veranderden bouw van het tegmentum kreeg de medulla oblongata het karakter dat haar kenmerkt. De ventrale, efferente laag, de pyramide, bleef tijdens haar loop in het verlengde merg, nagenoeg onveranderd.

Zoodra echter de Y a r o 1 s-brug verschijnt, komen er nieuwe verhoudingen. Wederom worden nieuwe organen aan het voortloopend segmentaal toegevoegd. Nu echter de bruggekernen, vooral tusschen de vezels der ventrale laag.

Het bulbaire tegmentum ondergaat in de V a r o 1 s-brug niet een zeer intensieve verandering. Wel wordt ook dit vervormd. De ingroeiende bind-arm wijzigt zijn vorm. Eigen secundaire systemen, afkomstig uit, of bestemd voor hersenzenuwen, die in de medulla oblongata of V a r o 1 s-brug ontspringen, maken het pontine tegmentum meer samengesteld dan dat der medulla oblongata.

Maar het kenmerkende der V a r o 1 s-brug is door de formatie der bruggekernen bepaald.

Zoodra de hersensteel als een zelfstandig geheel de V a r o 1 s-brug verlaat, herhaalt zich ten derde male de tusschen voeging van nieuwe organen.

Maar, als in het verlengde merg de plaatsing ervan aan het tegmentum was gebonden, in den pons V a r o 1 i was beperkt tot de ventrale vezellaag, thans, in den hersensteel, voegen zich de nieuwe organen tusschen ventrale laag en tegmentum in.

Tusschen de ventrale en dorsale étage van den hersensteel ingeschoven, geven zij aan den steel zijn kenmerkend karakter.

Dit geheel, hier onder den naam pars intermedia pedunculi cerebri ingevoerd, mag terecht aanspraak maken op een afzonderlijke behandeling.

Wat hier pars intermedia genoemd wordt, heeft, gelijk van zelf sprekend is, niets uit te staan met de vezellaag door M e y n e r t als stratum intermedium der substantia nigra beschreven. Daarmee zullen wij, uitvoerig genoeg, kennis maken bij de behandeling der zwarte kern.

De hier bedoelde pars intermedia strekt zich van de substanlia grisea centralis lateraalwaarts uit en scheidt de ventrale, van de dorsale steelstelsels. De afscheiding blijft gehandhaafd, als een groot deel der tegmentum-vezels in diëncephalon of striatum afwijkt. Dan gaat de laatste rest van dit geheel in den hypothalamus over.

De belangrijkste organen, die de pars intermedia samenstellen zijn de volgende:

1°. de roode kern, de nucleus ruber, reeds herhaaldelijk genoemd, omdat de belangrijke uitvoerbaan van het cerebellum, de bind-arm, daaraan een

Sluiten