Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

naar den hilus zijn verdwenen, maar overigens heeft zij wat haar cellen aangaat,weinig geleden, en is het celverlies gering. Daaruit zou men moeten afleiden, dat het in de eerste plaats de dorso-mediale kern is, die met de parietale hersenschors in verbinding treedt en dat zij bij voorkeur haar vezels zendt naar het ventro-laterale gedeelte van den thalamus.

Al het hier neergeschrevene geldt uitsluitend voor het dorso-frontale gedeelte der roode kern.

In het caudale einde er van worden minder duidelijke veranderingen waargenomen, waarop wij terugkomen. Zeker niet in de pars magno-cellularis, maar ook zeer weinig in het caudale deel der latero-ventrale kern.

Resumeert men het resultaat van het hier beschreven geval, dan luidt het als volgt:

Een groote verwoesting der linker hemispheer, ten gevolge waarvan in de corona radiata slechts de parieto-pontine en de thalamo-parietale straling, in den hersensteel slechts de parieto-pontine schorsstraling zijn overgebleven en de fronto-mediale thalamus-kernen tot volkomen atrophie zijn gebracht, een verwoesting, die zich tevens in het striatum uitbreidt, nucleus caudatus en putamen nagenoeg volkomen en het grootste deel van den nucleus pallidus beschadigt — oefent invloed op de roode kern.

Die invloed kan als volgt worden beschreven:

le. de fronto-rubrale vezels zijn geheel verdwenen;

2e. de pallido-rubrale vezels zijn nagenoeg geheel verdwenen;

3e. als gevolg daarvan zijn alle vezels, die den hilus binnengaan, afwezig. De hilus ontbreekt en het frontale gedeelte der centrale kern is in sterke mate geatrophiëerd;

4e. de rubro-thalamische vezels voor de mediale thalamus-kernen zijn verdwenen;

5e. als gevolg daarvan is de laterale mergmantel zeer dun en de frontale afdeeling der latero-ventrale kern sterk geatrophiëerd;

6e. de rubro-parietale vezels en de rubro-thalamische vezels naar de ventrale thalamus-kernen zijn behouden;

7e. als gevolg daarvan is de medio-dorsale kern, ofschoon vezelarm, als een vrij intacte kern te vinden.

Ofschoon er dus met behulp van de pathologische anatomie en der ontwikkelingsgeschiedenis eenige richtingslijnen merkbaar worden, volgens welke, de frontale verbindingen der roode kern in het frontale merg er van een plaats vinden, wordt er toch, om der volledigheids wille nog een waarneming meegedeeld.

Zij verschilt van de vorige, die een althans gedeeltelijk behouden parietothalamische schors-straling (de parieto-spinale was grootendeels vernietigd, zie fig. 336) bezat, daarin, dat juist deze schors-straling volkomen was vernietigd, terwijl de temporale schors-straling volkomen ongedeerd en de frontale gedeeltelijk en juist in het voor ons belangrijke gedeelte behouden was.

Sluiten