Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Fig. 583.

Twee teekeningen, van door March i-degeneraties zichtbaar wordende veranderingen, die van de beleediging in liet corpus quadrigeminum

uitgaan naar de contra-laterale substantia nigra.

A. Door het frontale einde van den achtersten heuvel. B. Door het midden van den voorsten heuvel van het mesencephalon. Aq. = Aquaeductus S y 1 v i i. c. ge. me., ped. c. ge. me. = corpus en steel van het corpus geniculatum mediale, c. q. a., c. q. p. = voorste en achterste heuvel van het mesencephalon. med. sup., med. med., med. pr. = oppervlakkig, middelste, en diepe merg van den voorsten heuvel, s. gr. sup., s. gr. med., s. gr. pr. = oppervlakkig, middelste en diepe grauw van den voorsten heuvel, c. Wem. = bind-armkruising. d. Mey., d. For., d.HA. = kruisingen van Meynert, Forel en Hatschek. f.retr. = fasciculus retroflexus. g.i.p. = ganglion interpedunculare. Ie. = lemniscus. s. n. = substantia nigra. ar. ret., ar. comp. = area reticulata en area compacta der zwarte kern. n. interm., n. lat., n. med. = intermediaire, laterale en mediale celophooping der zwarte kern.

•zku 'MvxsxasaaH jsiaa rva viaaKHaiNi snva aa

Sluiten