Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nigra zelfs een neo-nigraal gedeelte ondersteld. Het bestaat uit een mediale en uit een laterale kern verbonden door een boogstuk, de dorsale •afdeeling der intermediaire kern, benevens een zich in den hersensteel voorwelvende kern, de ventrale afdeeling der intermediaire kern.

F e r r a r o, op konijnen experimenteerend, heeft aangetoond, dat bij die dieren de verwoesting van het striatum voldoende was, om alle cellen uit het neo-nigrum te doen verdwijnen.

Bij dit dier is de invloed van den cortex cerebri voor het neo-nigrum slechts van luttel beteekenis. Maar wat bij het konijn aan het caudale einde der zwarte kern overblijft, na de exstirpatie van hemispheer en striatum samen (zie fig. 586. B), is F e r r a r o's nucleus posterior, die met het palaionigrum ongeveer overeenkomt.

Bij de hoogere dieren, ook bij den menscli, kan men een palaio-nigrum van een neo-nigrum onderscheiden en het neo-nigrum in een dergelijk schema rangschikken, als bij het konijn werd ontwikkeld. Het schema is echter, zooals experimenten leeren en de pathologische anatomie bevestigt, meer ingewikkeld geworden, naarmate zich de invloed van de hersenschors meer doet gelden.

Wat de experimenten aangaat, is het resultaat van het wegnemen van hemispheer te zamen met liet striatum voor het celverlies in de zwarte kern bij den hond, hetzelfde als bij het konijn.

In fig. 590 is een teekening afgebeeld van het cel-praeparaat der zwarte kern van een normalen hond. De geteekende doorsnede der zwarte kern valt tusschen ganglion interpedunculare en ganglion mammillare op de grens van het onderste en middelste 3de deel d$r kern.

In die teekening vindt men de mediale kern, de laterale kern en de twee-lagige intermediaire kern terug, evenals zij in fig. 588 bij het konijn werden beschreven. Die kernen hebben ongeveer dezelfde grenzen als daar.

Vergelijkt men echter deze teekening met fig. 591, waarin een afbeelding is gegeven van een cel-praeparaat ter zelfder hoogte door de zwarte kern van een hond, drie jaren nadat hemispheer te zamen met het striatum zijn verwijderd, dan blijkt ook de verdere analogie in den bouw der kern.

De teekening is genomen uit de serie van de hersenen van den hond, die door Zeliony in Pavlov's laboratorium was geopereerd en vier jaren geleefd had, terwijl links de hemispheer en het striatum volledig waren weggenomen.

Uit die teekening blijkt dan, dat verreweg de meeste cellen uit de zwarte kern verdwenen zijn, zonder eenig spoor na te laten. Een aantal er van echter zijn overgebleven. Zij zijn het, die tot het palaio-nigrum behooren.

Allereerst bevat hier een deel der mediale kern (fig. 591. n. med. p.)enhaar dorso-lateralen uitlooper (fig. 591. proc. lat. n. med.) nog vrij veel cellen.

De mediale kern bestaat dus te dezer hoogte bij het normale dier (fig. 590) al uit een oud en uit een nieuw gedeelte. Ofschoon dit in het normale praeparaat allerminst als een afzonderlijk gedeelte herkenbaar is, blijkt het, dat haar laterale uitlooper nog aanwezig is. Maar de laterale kern en de intermediale

Sluiten