Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

operculaire en frontale laesies (zie Deel III hoofdstuk X, pag. 85), over de nuclei reticulares pontis via den nucleus N. VI en dan naar de hooge oogspierkernen.

Daarentegen zijn dwangstand der oogen naar boven, beneden of in convergentie-stand bij hemispheren-aandoeningen niet vastgesteld, wel bij die van het mesencephalon.

Een dubbele innervatie, door cortico-caudale en operculo-pallido-rubrowegen, hier voor alle musculatuur verdedigd, geldt nog voor den nucleus N. VII. Daar is er een uit de wandkwab en een uit het striatum (M o n r a d-K r o h n).

Op den nucleus N. VI is een dubbele innervatie nog aantoonbaar, al treedt de cortico-caudale innervatie reeds naar den achtergrond.

Een eigenlijke cortico-caudale uitvoerweg naar de hooge oogspier-kernen kan anatomisch niet worden aangetoond. Wellicht treedt daarvoor de pallidocaudale in de plaats.

In elk geval is de innervatie der hooge oogspierkernen uit het proximale zenuwstelsel anders dan die der meer caudale motorische kernen.

Het is niet onmogelijk, dat daarmee samenhangt, dat algemeene spierstijfheid zich, als zij voorkomt, over gelaat, romp en ledematen uitstrekt, maar op de bewegingen der oogen heel weinig of geen invloed uitoefent.

§ 4. De frontale bestanddeelen van de regio subthalamica.

De nucleus subthalamicus. De nucleus zonae incertae. De fasciculus thalamicus hypothalamici (hl van Forel) en de fasciculus lenticularis liypothalamici (li2 van Forel).

a. Inleiding.

In de vorige paragraaf is er, bij de beschrijving der zwarte kern op gewezen, en in fig. 589 werd het geteekend, dat het frontale gedeelte der substantia nigra geleidelijk kleiner wordend, zich mediaalwaarts verplaatst. Op dat oogenblik wordt dan het laterale gedeelte der pars intermedia gevonden tusschen de lamina medullaris ventralis thalami en de capsula interna.

Dit gedeelte is dan de regio subthalamica van het diëncephalon geworden en wordt gewoonlijk kortweg hypothalamus diëncephali genoemd.

Op dwarse doorsneden heeft dit zenuwveld den vorm van een langgerekten driehoek, gelijkbeenig, van welken de lateraal geplaatste top eerst tegen het corpus geniculatum laterale aan ligt, en in meer frontale sneden grenst tegen den nucleus reticulatus (Gitterschicht) thalami. Haar mediaal gelegen basis rust tegen de substantia grisea centralis, daarvan gescheiden door den bundel van V i c q d'A zyr. Forel heeft bij zijn beroemde bewerking dezer af deeling van het centrale orgaan een aantal lagen in dien hypothalamus onderscheiden.

De meest ventrale laag er van wordt gevormd door een even vezelrijke als celrijke kern, door Forel onder de namen van de kern van L u y s of van het corpus subthalamicum beschreven.

Sluiten