Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK XIV.

HET CORPUS STRIATUM.

§ 1. Inleiding. De stamganglia van boven gezien. Het corpus striatum, het diëncephalon, de omgeving van het foramen M o n r o i, de ventriculus lateralis, de tela chorioidea en de ventriculus tertius.

Wanneer men, uitgaande van de groote sagittale hersengroeve, geleid dooide vezelstraling uit den hersenbalk, het mes inzet, deze straling doorsnijdt en de zijventrikels openlegt; vervolgens het corpus callosum en de daaronder liggende fornixzuilen met fimbriae en tapetum verwijdert; eindelijk de ependvm-bekleeding van den 3den ventrikel wegneemt; — dan wordt de dorsale vlakte zichtbaar van het aan de basis gelegen hersengedeelte. Dan krijgt men de dorsale vlakte te zien van hetgeen men van oudsher gewoon is onder den naam van de basale ganglia of van de stamganglia te beschrijven.

Zij bestaan uit 1. het mediaal, tegen den 3den ventrikel aan gelegen, diëncephalon en uit 2. het lateraal gelegen, in den lateralen ventrikel uitpuilende corpus striatum. Onderling zijn zij gescheiden door een glanzend wit, dun vezelbandje, de stria cornea der oudere schrijvers, of, zooals het later genoemd is, de stria semicircularis, of gelijk de nog betere uitdrukking is, de stria terminalis.

Indien men deze operatie, door welke men niets anders dan de dorsale vlakte dezer stamganglia te zien krijgt, verricht op hersenen, welker kamers door een geringen graad van liydrocephalus internus eenigszins zijn verwijd, dan is zij bijzonder gemakkelijk en voor het overzicht der stamganglia zeer aanbevelenswaard.

Fig. 605 geeft daarvan een voorbeeld.

Frontaal ziet men het dwars doorsneden vooreinde van den hersenbalk, de knie van den balk of genu of het rostrum corporis callosi (fig. 605 c. call.). Daaronder zijn eveneens de beide, naast elkander gelegen, neerdalende fornixzuilen (fig. 605 c.f.d.) dwars gekliefd. Zij vormen frontale grenzen voor den derden ventrikel, loopen langs de commissura -anterior cerebri (fig. 605 c. ant.) en langs de lamina terminalis (fig. 605 la. te.) ventraalwaarts verder in den wand van den derden ventrikel en gaan voort naar het corpus mammillare.

winkler v. 1

Sluiten