Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Tn fig. 633 is van zulk een foetus een horizontale snede geteekend. die in een zeer hoog niveau de stamganglia treft. Ook in deze snede geldt nog, dat de algemeene vorm van de lenskern en al haar onderdeelen al duidelijk zijn gevormd, terwijl de nucleus caudatus zich nog in het allereerste begin zijner ontwikkeling bevindt. Noch van een kop van den nucleus caudatus, noch van een zijdelingsche verbreeding van het putamen is er iets te zien.

De geheele ontwikkeling der hersenen is evenwel veel verder voortgeschreden dan zij in fig. 632 was.

In den pallium-wand bijv. heeft de hersenschors overal reeds het tweelagig stadium bereikt, ook in de insula. De corona radiata is overal duidelijk zichtbaar scherp gescheiden van de schors en iets minder scherp van den moederbodem tegen den ventrikelwand.

Men ziet voorts, dat deze moederbodem nog altijd direct overgaat in de nog altijd duidelijke celknobbels, waaruit het striatum zal ontstaan. Dit is zoowel het geval in den frontalen ventrikelhoorn, als in den occipitalen ventrikelhoorn.

Maar terwijl er in den occipitalen hoorn nog maar één knobbel zichtbaar is, de laterale, onder welken de staart van den nucleus caudatus duidelijk herkenbaar wordt, ziet men in den frontalen ventrikelhoorn nog duidelijk de beide knobbels. Wel begint de scheidingsgroeve x tusschen deze beide knobbels te vervlakken, maar zij is nog zeer goed herkenbaar. De sulcus M o n r o i scheidt deze knobbels van het diëncephalon. Onder deze beide knobbels hei kent men datgene wat tot aanleg zal worden van een kop van den nucleus caudatus, die hier, evenals in fig. 632, uit beide knobbels wordt aangelegd.

Men mag dus niet zeggen, dat de kop van den nucleus caudatus ontstaat alleen uit den lateralen knobbel van den striatum-aanleg. In later tijd wordt hij uit dien knobbel gevormd. Eerst in latere ontwikkelingsstadia neemt deze de \ oi ming van den kop op zich, zoo goed als hij hier reeds begonnen is met de vorming van den staart van die kern. Hier ligt dus de staart van den N. caudatus uitsluitend onder den lateralen knobbel, maar de eerste aanleg van den kop van den nucleus caudatus wordt niet alleen door den lateralen knobbel, maar ten deele nog door den medialen knobbel gevormd.

Terwijl echter de aanleg voor den nucleus caudatus, ofschoon thans duidelijk herkenbaar, in fig. 633 nog klein is, is de aanleg voor de lenskern thans zoo ver voortgeschreden, dat men die kern in alle onderdeelen even goed als bij den volwassene kan definieeren. Slechts de zijdelingsche frontale welving ontbreekt nog aan het putamen. De aanleg der lenskern vult de driehoekige ruimte geheel op. welke overblijft tusschen de capsula interna en de capsula externa, die beide thans op de gewone plaats zijn aangelegd, maar slechts liet hoogste gedeelte van den nucleus pallidus is geraakt.

In de capsula interna, die veel machtiger is dan zij in fig. 632 zichtbaar «as, onderscheidt men een voorste been, een zeer machtige knie en een niet minder machtig achterste been. Tegen de knie dringt de sulcus M o n r o i aan. De capsula interna bevat reeds veel merglooze vezels, maar er gaan

Sluiten