Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in hun geheel van de hersenbasis zijn afgesneden. Nog verder dorsaal gelegen sneden zijn. als onnoodig, niet geteekend.

In fig. 647 A heeft de verkleining der linker verwonde hemispheer geleidelijk het niveau-verschil der doorsneden van linker en rechter hemispheer uitgewischt. De doorsnede treft het dorsale gedeelte der capsula interna, die in de corona radiata uitstraalt, op ongeveer gelijke hoogte, beiderzijds.

Links ziet men in die straling (fig. C47 deg. c. int.) nog altijd den bundel met ontaarde zenuwvezels, als een, door W e i g e r t's methode, nauwlijks gekleurd veld in het ventrale deel der zwart-blauw gefingeerde capsula interna.

Links en rechts is er nu een aaneengesloten corpus striatum ontstaan. Het wordt gevormd door een naar achter gelegen, niet meer zeer duidelijk» in twee stukken gedeelde lenskern en door een nucleus caudat.us, die in den ventriculus lateralis voorspringt, tweemaal, ééns door den kop en andermaal door den staart is getroffen en door een voorste been uit de corona radiata van de voorhoofdshersenen van de lenskern wordt.gescheiden.

In de lenskern is nauwlijks meer een scheiding tusschen het putarnen en den nucleus pallidus waarneembaar. Wel schijnt aan de linker zijde de lenskern en vooral in het caudale stuk, armer aan doortrekkende vezels te zijn, dan dit rechts het geval is. Daarop wordt later teruggekomen.

Voorts worden in een groot stuk van de parietale afdeeling der linker hemispheer alle instralende schorsvezels gemist, die er rechts zijn. In den linker thalamus zijn de latero-ventrale afdeelingen verkleind en hebben bijna alle vezels en bijna alle cellen verloren. Ten deele is dit het gevolg van de doorsnijding van den lemniscus medialis, van het corpus geniculatum mediale en van de frontale straling uit de roode kern, ten deele ook van de niet onbelangrijke verwonding in het temporale gedeelte der linker schors. Daarentegen zijn de middelste en voorste kernen in den thalamus slechts weinig veranderd. Dientengevolge is de thalamus verplaatst; hij heeft een kanteling gemaakt, een kanteling naar beneden, die hier begint, maar veel duidelijker in fig. 647 B tot uitdrukking komt.

Beiderzijds echter staat het corpus geniculatum laterale ongedeerd en draagt een intacte radiatio optica.

De pedunculus inferior thalami en de bundel van V i c 'A z y r wijken af naar het voorste gedeelte van den thalamus. De columna fornicis is langs de commissura anterior naar de basis van het septum gegaan en ligt daar nu om over te gaan in de fimbria van den Ammons-hoorn. Alleen de bundel van M e y n e r t stijgt in het occipitale gedeelte van den thalamus omhoog.

Fig. 647 B treft de hersenen veel hooger, daar waar de fimbria fornicis van den Ammons-hoorn zich met de columna descendens fornicis vereenigt, als de balk de middellijn overschrijdt. De fimbria fornicis of de columna fornicis descendens is aan de linker zijde in vrij belangrijke mate tot atrophie gekomen, een atrophie reeds in de vorige doorsneden opgemerkt en beschreven.

De nucleus caudatus, hier niet langer door een voorste been der capsula interna afgescheiden van de lenskern, welft zich in den lateralen ventrikel.

Sluiten