Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hiermee zijn we dus gekomen midden in de stellig nog zeer hypothetische vraagpunten, die zich voor de kliniek van het striatum voordoen. Met de functieleer van het striatum en de daaraan verbonden kernen is het evenmin alles vaststaand. Toch mag men aannemen, dat de lichaamshouding, al wordt zij dan reflectorisch bepaald, onder den invloed staat van velerlei gebieden. In de eerste plaats wordt zij beheerscht door den uitvoerweg uit de hersenschors —- de pyramidenbaan —; in de tweede plaats door den uitvoerweg uit den nucleus pallidus — het kamsysteem met het veld h2 van Forel —; in de derde plaats door den uitvoerweg uit de roode kern — de rubro-spinale baan —. Alle drie versterken, wanneer zij tenietgaan, den tonus in spiergroepen, die tot de instandhouding der lichaamshouding meewerken.

Naast dit echter staat nog een ander gebied, dat het gaan mogelijk kan maken op het oogenblik dat het lichaam in een opgerichte houding is gekomen, zooals dat bij den mensch het geval is. Met de studie daarvan is nog slechts een begin gemaakt.

Sluiten