Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

straling, of zooals men dien bundel wel noemt, de stria medullaris dorsalis ihalami van deze kern afgescheiden.

Zij wordt opgebouwd uit kleine bolronde of pyramide-vormige cellen, min of meer in groepjes geplaatst en door perforeerende of z.g. transferente vezels van elkander gescheiden. In het laterale gedeelte der kern liggen de cellen vrij dicht opeen, maar naarmate men meer mediaal komt, nemen de transferente vezels in aantal toe, de celgroepjes liggen dan meer uiteen en meer verspreid. Deze kern is door von Monakow beschreven onder den naam van: nucleus anterior (a) thalami.

De bijkern (fig. 673. n. ant. th. (b)) is door von Monakow aangegeven met den naam van: nucleus anterior (b) thalami.

Zij bevat veel grootere cellen dan de hoofdkern, wordt daarom ook wel als nucleus magno-cellularis anterior, tegenover de laatste, die men dan nucleus parvo-cellularis anterior noemt, gesteld.

Inderdaad zijn vooral in het dorso-laterale gedeelte ervan de cellen vrij groot en veelhoekig. Geleidelijk worden zij in het medio-ventrale deel ervan kleiner en men krijgt vooral in het achterste gedeelte der kern den indruk, alsof er ook een kleincellige bijkern dorso-mediaal tegen de grootcellige bijkern is aangeplakt.

Aldus is het tuberculum anterius als het ware ingegraven in den dorsalen thalamus-wand. Naarmate de thalamus zich verder ontwikkelt, wordt het tuberculum anterius geleidelijk van den nucleus reticularis afgedrongen. Lateraal ervan komt de laterale kern, mediaal ervan de mediale kern en ventraal ervan de ventrale kern. Dan ligt (zie fig. 675 en 676) de bijkern, als een trapezium, dorsaal van de hoofdkern, maar deze blijft door de stria medullaris dorsalis thalami steeds afgescheiden van de aan haar grenzende kernen.

In een voortreffelijk onderzoek heeft D'H o 11 a n d e r aangetoond, dat er van de schors een groot aantal centrifugale vezels uitgaan, zoowel cortico-thalamische, als cortico-tectale vezels. Hij maakte gebruik van een waarneming van zijn leermeester, van Gehuchten, en nam aan, dat de z.g. axipetale degeneratie slechts dan ontstaat, wanneer de cellen, wier axonen zijn doorsneden, ziek zijn geworden. Zij begint, bijv. na doorsnijding van den stam van den N. facialis, eerst 13 dagen, nadat die doorsnijding is geschied. Daarentegen begint de z.g. degeneratie van W a 1 1 e r onmiddellijk na de doorsnijding.

Om dus de degeneratie van thalamo- en tecto-corticale vezels buiten te sluiten, onderzoekt hij konijnen, bij welke een groot deel van de hersenschors is weggenomen, binnen 13 dagen na de operatie.

Het resultaat is dan, dat een groot aantal vezels, die van dit standpunt gezien centrifugale vezels, of cortico-thalamische of cortico-tectale vezels moeten zijn, in volle ontaarding worden waargenomen. Voor zoover dit betrekking heeft op ons tuberculum anterius thalami is de ver frontaal gelegen, dorsale bundel thalamus-vezels in volle ontaarding, en evenzoo de beide

Sluiten