Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

supra-opticus ligt ventraal van den tractus opticus. De nucleus para-ependymalis laat in zijn dorsale gedeelte de vergelijking met den nucleus para-ventricularis toe. Overigens vindt men langs het infundibulum slechts kleine cellen verspreid, die zich geleidelijk aansluiten aan de groepeering in het middengedeelte van het tuber cinereum, dat wij met den nucleum tuberis cinerei hebben gelijkgesteld.

Het meest veranderde deel is thans de basis van de hersenen. Vlak voor en om den hypophysen-steel is het weefsel eigenaardig gebouwd. Men bemerkt een groote gelijkenis tusschen het weefsel aan de basis der hersenen en den lobus posterior van de hypophysis.

Met eenigen goeden wil kan men, bij het konijn, het schema van S p i e g e 1-Z w e i g wel van toepassing verklaren, wanneer men de volgende gelijkstellingen maakt:

а. Het ganglion basale opticum staat gelijk met den nucleus supra-opticus.

б. De dorsale afdeeling van de om het infundibulum gelegen cellenmassa staat gelijk met den nucleus para-ventricularis.

c. Het frontale deel van de ventrale omhulling van het infundibulum staat gelijk met den nucleus supra-chiasmaticus.

d. De nucleus centralis infundibuli staat gelijk met den nucleus tuberis.

Men moet dan de verdere celgroepeeringen, die in het tuber cinereum

van het konijn voorkomen, buiten bespreking laten.

Ook, wanneer in een vezelpraeparaat volgens Weiger t-P a 1. de impregnatie goed is gelukt, kan men bij het konijn iets aantoonen van den vezelloop, dien Gre ving ons heeft leeren kennen, maar men krijgt den indruk, dat de vezels bij het konijn in veel grooter aantal worden gevonden dan bij den mensch.

In fig. 726 zijn drie teekeningen afgebeeld door de basale substantia grisea centralis diëncephali van een konijn, ontleend aan een goed gelukt Weiger t-P a 1 praeparaat.

Men ziet in fig. 726 A een snede door het chiasma opticum, welke dus tevens door de regio infundibularis gaat. Het chiasma opticum, de columna fornicis descendens, de pedunculus inferior thalami zijn tengevolge der vezelkleuring intensief zwart.

Daarentegen zijn de kernen als de nucleus supra-opticus, de nucleus paraventricularis en de nucleus centralis infundibuli vezelarm. Dorsaal van den nucleus supra-opticus vindt men een strook uiterst fijne vezels, scheef doorsneden, die vlak langs den dorsalen rand van het chiasma, den ventralen wand der substantia grisea vormen. Spaarzaam stroomen merghoudende vezels uit alle kernen naar deze randvezellaag toe.

In fig. 726 B is dit beeld volkomen veranderd. Ook hier zijn de kernen bijna zonder vezels. Hier echter loopen in den ventralen wand van het tuber cinereum, vrij vele, longitudinaal getroffen, maar merghoudende zenuwvezels. Langs den tractus opticus en langs den nucleus supra-opticus richten zij zich naar een veld vlak boven de hypophyse. Uit het tuber cinereum

Sluiten