Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

elders in dit werk beschreven somatische en neurologische verschijnselen vindt men allereerst algemeene onrust, gejaagdheid, gevoel van inwendige spanning, snelle vermoeibaarheid. Bij deze verschijnselen kunnen zich, dikwijls vrij plotseling, psychotische in engeren zin voegen. De vermoeibaarheid wordt dan doorgaans niet, of althans in veel geringere mate, ondervonden. De gejaagdheid is gestegen tot rusteloosheid, de spanning schijnt zich te willen ontladen in een maniacale gedachtenvlucht, in oppervlakkige waandenkbeelden meest op de eigen persoon en haar onmiddellijke omgeving betrekking hebbende, in een vloed van pseudohallucinaties en, in mindere mate, schijnbaar echte hallucinaties (het is doorgaans zeer moeilijk bij den geestestoestand der patiënten tusschen deze beide soorten van zinsbedrog te onderscheiden). De stemming wisselt snel tusschen uitgelaten vroolijkheid en meestal kortdurende depressietoestanden met huilbuien, angstvoorstellingen van hallucinatorisch of waanachtig karakter.

Deze toestand kan wekenlang en langer duren en is geen contra-indicatie (in het algemeen) tegen eene operatieve therapie (strumectomie). Men zij er echter op bedacht, dat na de operatie de psychose niet als met een tooverslag behoeft te verdwijnen. De „vergiftiging der hersenen" doet zich blijkbaar in vele gevallen, ook na het opdrogen van de bron, nog geruimen tijd gelden, begint soms zelfs eerst dan.

Het is zeer de vraag, of iedere psychose, die zich bij een Basedowpatiënt voordoet, alleen aan de thyreotoxicose te wijten is; voorzoover deze psychose een psychiatrisch type vertegenwoordigt (manisch-depressieve psychose in het bijzonder) moet men eerder de waarschijnlijkheid voor oogen houden, dat de aanwezige aanleg door het gif wordt gesensibiliseerd, zooals men dit ook wel in den loop van infectieziekten ziet. De door ons waargenomen echte Basedowpsychoses (die minder zeldzaam schijnen dan in de literatuur wordt vermeld; zie Ewald in Bumke's

Sluiten