Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hypermetropie. Zij wijzigen zich soms onder invloed van de therapie. De oorzaak zal wel verandering in de stofwisseling (vochtgehalte) der lens zijn.

b. Cataract. Er bestaat een met de spleetlamp typisch beeld van diabetische cataract; daarnaast kent men een vroeger optreden van cataract bij diabetici onder het beeld der seniele cataract. Yan belang is het bij eiken cataract-patiënt de urine te controleeren.

2. De cataract bij tetanie.

a. Bij menschen heeft men na een strumectomie, waarbij dan waarschijnlijk ook de bijschildkliertjes waren beschadigd of weggenomen, een snel verloopende cataract zien optreden tegelijk met post-operatieve tetanie. Men kan de progressie van deze cataract soms met parathormoon injecties tegenhouden.

b. Bij dieren kan men door de schildklier en de bijschildkliertjes weg te nemen en het dier met kalkpraeparaten in leven te houden lenstroebelingen doen ontstaan, waarvan men de progressie weer met parathormoon kan tegenhouden.

Het gehalte in het bloed voor kalk is verlaagd, voor phosphor verhoogd. Het kalkgehalte der cataracteuse lenzen is sterk verhoogd.

c. Bij menschen vindt men een juvenielen, vaak familiairen vorm van staar: de cataracta zonularis. Deze gelijkt min of meer, hoewel niet geheel, op de onder b. genoemde experimenteele staarvormen. Van oudsher is door de klinici dezen vorm van staar in verband gebracht met latente of manifeste tetanie en met rachitis. Daar de patiënten meestal eerst op den schoolleeftijd bij den oogarts komen en de cataract zich op veel jongeren leeftijd heeft ontwikkeld, is dit verband meestal alleen anamnestisch vast te stellen. De opgegeven cijfers zijn zeer wisselend. Een enkele maal ziet men op ouderen leeftijd bij lijders aan juveniele cataract een idiopathische tetanie optreden.

Voor dezen staarvormen is het dus wel waarschijnlijk, hoewel nog niet vaststaande bewezen, dat zij ook met

Sluiten