Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

siologische eigenschappen noodzaken ons, twee variëteiten van hetzelve vast te stellen, die daardoor wezenlijk van elkander onderscheiden zijn, dat de eene zich op zekere prikkels zamentrekt, de andere niet. Ik wil voorloopig slechts aan de huid van den balzak herinneren, die, hoewel uit bindweefsel gevormd, eene zoo in het oog loopende zamentrekbaarheid vertoont, dat de eerste waarnemers ze als spiervlies beschreven. Het digtst bij haar komt de culis. Inlusschen komt misschien aan al het bindweefsel een zekere graad van organisch zamentrekkingsvermogen toe,* welks veranderingen in het leven slechts minder in het oog loopen, maar door vergelijking met den toestand van het bindweefsel in het lijk en in ziekten duidelijk worden. Daarvoor pleit het doorzweeten van vloeistoffen door slijm- en weivliezen na den dood, de naar verlamming gelijkende slapheid der gewrichtsbanden bij hysterische lijderessen enz (1). Misschien ligt de grond voor de contractiliteit en haar gemis niet in verschillen van het bindweefsel, maar in deszelfs betrekking tot de zenuwen.

I. Tot het niet zamentrekbare bindweefsel, dat men ook fibreus of tendineus weefsel noemen kan, behooren :

1. De pezen. Zij bestaan uit evenwijdige bundels, die in eene kleinere of grootere massa digt bijeen liggen en van elkander door dunne lagen van slapper bindweefsel worden gescheiden. Deze lossen zich door maceratie het eerst op, en daardoor m orden de pezen in afzonderlijke strengen ontleed. Tusschen de primitiefbundels komen de kernvezels dikwijls onontwikkeld, in den vorm van afzonderlijke verlengde kernen, zelden als spiraaldraden voor. De platte pezen der oogspieren zijn als fibreuze vliezen gevormd. Wegens haar digt maaksel zijn de pezen zeer vast en bieden lang aan den invloed van scheikundige magten tegenstand. Zij kunnen daarom ook niet zoo gemakkelijk als de overige soorten van het bindweefsel in lijm veranderd worden. Zij zijn ook minder aan den ontledenden (?) invloed der afgietseldiertjes blootgesteld en gaan niet in rotting over. Zij bezitten eene slechts geringe elasticiteit, die echter toch aan dunne pezen door de golfvormige buigingen

(1) Brodie, Lectures on local nervous diseases, p. 71.

Sluiten