Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ticus als door eene olieachtige laag bedekt zijn. Terwijl Valkntin herhaald opdroppelen van water aanbeveelt, om de laag der gangliën-kogeltjes duidelijker te maken, meent IIannover, dat zij in water geheel en al vervloeijen en verdwijnen.

Ik heb de door Valentin beschrevene kogelvormige ligchaampjes, zoowel de grootere als de kleinere, en beide aan de binnenvlakte van de uitstraling der gezigtszenuw en in de mazen zijner plesus, gezien, maar kon mij niet overtuigen, dat beide tot verschillende lagen behooren. Aan de doorgesnedene randen van het praeparaat, dat men op een stuk van het glasachtig ligchaam en zonder drukking beschouwen moet, en op plaatsen, waar de staafjes weggenomen en de vezels uiteen geweken zijn , ziet men lichtere en donkere platte korreltjes van 0,005—0,004"' in den vorm van hoopjes op elkander (fig. 4, A); men onderscheidt terstond donkere, met gladde randen, van eenen meer regelmatigen vorm en meer standvastige grootte, en lichtere, geelachtige, korrelige, meer hoekige. Beide soorten bezitten eene centrale vlek, die mij echter voorkomt in de donkere optisch en geen nucleus te zijn. Veeleer zijn deze ligchaampjes zelve kernen in verschillende ontwikkelings-tijdperken: sommige zijn door eene bleeke cel naauwkeurig omgeven; anderen liggen in den wand van grootere cellen, die eveneens bleek en ligt korrelig zijn (fig.

4, B).

Zoo als overal, wordt ook door water de cel grooter en de kern duidelijker; met azijnzuur wordt zij aan vele kleine cellen zigtbaar, waar zij vooraf niet te zien was; na gedurende langeren tijd met water in aanraking geweest te zijn, wordt de cel wanstaltig, naar het schijnt door bersting en ontlediging van den inhoud. De kleinere kogeltjes van Valentin zouden dien ten gevolge slechts kernen zijner gangliën-kogeltjes of kleinere gangliën-kogeltjes zijn ; daarvoor pleit ook, dat zij volgens zijne waarneming niet onmiddellijk tegen elkander aanliggen. De cel om de kern is, zoo als gezegd is, niet zigtbaar, zoolang de kogeltjes in siiii zijn.

Ik heb reeds vroeger gewaarschuwd (1), dat men niet de omgerolde staafjes der retina met oorspronkelijke kogeltjes verwissele,

(1) MiiLlER's Arcftiv, 1839, s. 170.

Sluiten