Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kingen omtrent hel beloop der zenuwen , inet name in de retina, geleerd hebben, niet Tereenigen. Men kan niet anders dan toegeven, dat de Tan Terschillende lichtgevende punten uitgaande lichtstralen, door de lichtbrekende middenstoffen Tan het oog weder in eén punt Terzameld, in aliquote deelen Tan eene en dezelfde vezel afzonderlijk geToeld worden. De Toorwaarden, welke de genoemde physiologische theorie veronderstelt, worden door de staafjes van het Jakobs-vlies gegeven , en de OTereenkomst, die zij in Tele reactiën met zenuwzelfstandigheid Tertoonen, geelt aanleiding om te Termoeden , dat zij het eigenlijk geToelende deel Tan het netvlies zijn, en dat het hunne Terandering is, die op de eene of andere wijze door tusschenkomst Tan de Tezels der gezigtszenuw naar de hersenen geleid wordt. Wanneer men zich echter de gevallen herinnert, waarin, na exstirpatie Tan den bulbus, phantasmata en droombeelden bleTen voort bestaan , zal men het niet wagen, deze beteekenis er aan toe te schrijven. Iloe eene Tezel verschillende aandoeningen Tan onderscheidene punten Tan haar beloop te gelijk naar de hersenen zou kunnen geleiden, is zeker niet in te zien ; maar het is ons reeds vroeger gebleken , dat deze Toorstelling onhoudbaar is, en wij merken hier slechts wederom eenen nieuwen grond op om te erkennen , dat de Tezel niet blootelijk geleidt, maar uit eigen kracht zelfstandig geToelt, en dat de zamenhang met de hersenen niet toot de sensatie, maar wel Toor het zelfbewust worden dezer onmisbaar is. De physiologische feiten, die OTerigens Toor de wederkeerige betrekking (correspondentie) Tan opnemende punten aan de peripherie met Toorstellende punten in het centrum schijnen te pleiten, laten gedeeltelijk eene andere Terklaring toe, gedeeltelijk worden zij geneutraliseerd door feiten, die er tegen pleiten. Het eenToudig zien met twee oogen zou men bij de eerstgenoemde theorie wel kunnen begrijpen, wanneer men teTens met J. Muller aanneemt, dat elke twee identische Tezels Tan beide oogen in het chiasma lot eene enkele ineenvloeijen (zie boven); maar zulke anastomoses mogen thans niet meer Terborgen blijven, en als men ze aanneemt, dan zouden niet alleen de Tormen, inaar ook de kleuren aan identische plaatsen Tan beide oogen tot eenen eenToudigen gemiddelden indruk moeten ineensmelten, hetgeen niet het geTal is.

Sluiten