Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

meestal ronde, gesteelde ligchaampjes bezet zijn (de bindweefselvczels van het neurilema, die ecliler gewoonlijk onderscheidene vezels te zamen insluiten); de ligchaampjes van deze vezels zouden hij de drukking op de zenuwen te voorschijn komen en tot de dwaling hebben aanleiding gegeven, alsof zich een korrelig merg uit de buizen zelve uitstortte; 2. eene dun-vliezige, zeer contractiele buis van een donker en ruig voorkomen, hetgeen door hare talrijke, zijdelingsehe uithuigingen ontslaan zou; 3. een hleeke cn platte, door de contractiele buis ingesloten band, primitiefband, met regte randen, niet veel smaller dan de primitiefvezel zelve. Hij zag hem na aangewende drukking uit de zenuwmassa als het ware te voorschijn springen, dikwijls uit de ruggemergszenuwvezels, en zelfs uit fijne herseniezels uitsteken, cn kon hem aan dikkere vezels door de -wanden heen, somtijds ook een groot eindweegs van de buis bevrijd, waarnemen. Hij scheen meestal uit fijne, vaste vezels zamengesteld, die in haar beloop tot kleine knobbeltjes aanzwollen, en spleet zicli somtijds overlangs in 2 of 3 vezels. Eenige malen deed bij zich als eene spiraalveer voor, die op het punt is van zich af te winden. Door inaceratie zouden de primitiefbanden dunner worden, maar plat blijven. Eenige malen vertoonden zich aan de primitieve banden zijdelingsehe, langwerpige, vrij groote knobbels (deze zoowel als de zich splijtende primitiefbanden zijn haarvaten). RimaK ontkent het bestaan van een kogelvormig merg, en verklaart het schijnbaar voortloopen en uitvloeijen daarvan door eene voortschuiving der huizen zelve onder het neurilema. De kogelvormige massa's zouden overblijfselen zijn der vernielde buizen, die ligt stuk te drukken zijn. In een later werk (Ohserv. de syst. nerv. struct. 1838), waarbij ook afbeeldingen van cerebrospinaalvezels genoegd zijn, verklaart hij de eerstgenoemde celweefselbundels van het neurilema voor organische zenuwvezels, en de organische vezels in het algemeen voor primitiefvezels, waaraan de buis ontbreekt, Zij zouden dien ten gevolge met den primitiefband der cerebrospinaalvezels identisch zijn, wat in geen geval juist is. Onder organische vezels echter verstaat hij die, welke ik gelatineuze genoemd •heb, alsmede de kernvezels, die tusschen de gelatineuze vezels cn op vele andere plaatsen van het ligchaam voorkomen. Ik moest dit onderwerp reeds hoven , in den tekst, uitvoeriger behandelen.

Remak's meening omtrent de prirnitiefbuizen is zeer verwant aan die, welke eene halve eeuw vroeger door Fontana is uitgesproken. Fontana zag alleen den zoogenaamden primitief band niet verdeeld, omdat hij hem niet met vaten verwisselde, en uit eene geleiachtige, in eene fijne buis ingeslotene vloeistof gevormd. Wat Fontana en Remak de buis of scheede der primitiefvezels noemen, is het buitenste, gestolde gedeelte van bet merg. De eigenlijke en fijne scheede der zenuwhuizen heeft Fontana onderscheiden (zie boven); Remak heeft haar geheel en al over het hoofd gezien. Zijne beschrijving van den primitiefband past echter, de vertakking uitgezonderd, zoo goed op het ontledigd en zamengevallen, structuurloos omhulsel, dat ik meende geregtigd te zijn te veronderstellen (Mülier's Arcliiv, 1839, S. 174), dat Remak de ledige scheede voor den inhoud der buis had aangezien. Daar hij de primitiefhuizen, vóór dal zij voldoende geïsoleerd waren, zamendrukte, om den inhoud er uit te persen, moest het merg door scheuren der scheede er uit verwijderd en in de tussehenruimten

Sluiten