Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

melk, aan zichzelve overgelaten , door omzetting der melksuiker zuur wordt (1).

De verhouding der melkbolletjes tegen azijnzuur bewijst, dat het geene eenvoudige vetdeeltjes zijn , maar dat zij in een zelfstandig vlies zijn besloten. De allengs plaats grijpende oplossing van dit vlies door azijnzuur geeft aanleiding tot de omzetting, die de melkbolletjes ondergaan , doordien de ingesloten stof vooreerst het omhulsel ongelijkmatig, uitzet, Tervolgens hier en daar naar buiten komt, en nu eerst in den vorm van droppeltje zich vertoont, dié, wanneer het omhulsel'geheel is opgelost, ineenvloeijen. Daarvoor pleiten nog andere feiten. Zoo heb ik de volgende proef dikwijls herhaald. Een droppel melk wordt gedurende verscheidene minuten met aether gedigereerd. Hij blijft wit, en onder het mikroskoop waren de melkbolletjes slechts weinig veranderd, eenigzins ruw, gerimpeld, en voor een gedeelte als in elkander gevallen. Ik voegde er wat azijnzuur bij, waarop de droppel helderder werd en de melkbolletjes de boven beschrevene veranderingen vertoonden. Werden nu, nadat het azijnzuur grootendeels verdampt was, wederom slechts een paar droppels aether er bij gegoten, dan verdwenen oogenblikkelijk alle mikroskopische bestanddeelen, die den droppel troebel gemaakt hadden , en eerst bij het verdampen van den aether schoot het vet in kristallijnen- bundels van naalden aan, of sloeg in groote droppels neder.

Ook in kokenden alkohol veranderen de melkbolletjes niet gemakkelijk. Voegt men er gedurende het koken, terwijl de vloeistof nog troebel is, en er grootere of kleinere vlokken in drijven , maar een ■weinig azijnzuur bij, dan wordt zij"oogenblikkelijk helder. De melkbolletjes zijn verdwenen, en verschijnen opk na de verdamping van den alkohol en van het azijnzuur niet weder. In plaats van deze bevat liet residuum kristallijnen naalden en kleine, donkere bolletjes van volmaakt gelijke grootte.

Aether en alkohol tasten dus de melkbolletjes niet aan, zoo

(1) Te gelijkertijd ontwikkelen zich in de melk de aan beschimmelen of aan gisting eigendommelijke elementen, die, gelijk gezegd is, in den heginne op veranderde melkbolletjes gelijken. TcRPltf (Ann. d. Sc. nat., 2<= Sér. VIII. 288) werd daardoor tot de verkeerde beschouwing verleid, dat de melkbolletjes zelve zich in schimmel omzetten.

Sluiten