Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

chronische maagkwalen, veneuse, en eindelijk hydropische bloedmenging , algemeene waterzucht.

Ziekteverschijnselen: systolisch geruisch (in de plaats van den eersten toon) in de regter kamer; de tweede toon zwak of geheel onhoorbaar; het hart een weinig breeder en de ledige toon, ook achter het bovenste gedeelte van het borstbeen (door den vergrooten regter boezem) aanwezig; sterke zwelling en klopping der strotaderen (synchronisch met het kloppen der slagaderen en van het hart), cyanotische verschijnselen enz.

$) Insufficientie van het halvemaanswijze klapvlies (der longslagader), die uiterst zelden voorkomt, moet tc weeg brengen: verwijding en hypertrophie der regter hartekamer, verwijding van den regter boezem, misschien ook insufficientie van het driepuntig klapvlies, en de verschijnselen van belemmerden bloedsomloop in de aderen.

Ziekteverschijnselen moeten zijn: geruisch in de plaats van den tweeden toon der longslagader en van de regter hartekamer; het hart breeder dan gewoonlijk; misschien ook nog de verschijnselen der insufficientie van het driepuntige klapvlies.

d) Vernaauwing der holten van het hart, komt voor: 1) bij concentrische hypertrophie (II. bl. 68); en 2) bij concentrische atrophie van het hart (II. bl. 73); — 3) bij vermindering der gezamenlijke bloedmassa, zoo als bij anaemie, chlorosis, tuberculosis en kanker, na uitputtende (vooral fibrineuSe) uitzweetingen enz.; — 4) bij zamendrukking van het hart door exsudaat in het hartezakje, gezwellen, enz. — 5) Longziekten, die den kleinen bloedsomloop storen en eene mindere hoeveelheid bloed naar het linker hart doen stroomen, brengen vernaauwing der linker kamer te weeg. — 6) Ycrgroeijingen der tepelspieren, der peesdraden en klapvliezen geven ook somtijds aanleiding tot vernaauwing der linker kamer.

e) Vernaauwing van de mondingen van het hart, (stenosis, obstructive ziekten der klapv liezen). De oorzaken dezer vernaauwingen zijn altijd, indien men die van den mond der aorta niet misschien veelal voor eene ouderdomsverandering houdt, in eene ontstekingachtige uitzweeting gelegen, ten gevolge van welke de klapvliezen dikker en rigide worden, zoodat zij stijf naar de opening gerigt blijven, of waardoor de punten der klapvliezen gedeeltelijk met elkander en met den rand der opening vergroeijen, of waardoor de klapvliezen en de aorta met excrescentiën bezet worden (I. bl. 303), of de ring der opening zich verdikt. Bij de genoemde ziekten der klapvliezen, ontwikkelt zich gewoonlijk langzamerhand atrophie, zamenschrompeling en eindelijk insufficientie dezer deelen. Derhalve brengen vernaauwingen, bij langeren duur ook meestal insufficientie der klapvliezen te weeg, terwijl het omgekeerde veel minder het geval is.

a) Stenosis der linker aderlijke monding (obstructive aandoening van het mijtervormige klapvlies), bij welke het bloed niet behoorlijk uit den linker boezem in de linker kamer kan overstroomen, moet nagenoeg denzelfden toestand als de insufficientie van dit klapvlies te weeg brengen, namelijk verwijding van den

Sluiten