Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

y) Vet ontaarding der beenderen, waarbij dezelve weeker worden, hangt gewoonlijk van eenen passiven of ontstekingachtigen bloedstilstand af en komt inzonderheid in beenderen van verlamde deelen, alsmede rondom beenbreuken en been ver wondingen voor. Deze vetontaarding vertoont zieh, volgens ekgel, in twee vormen: het merg in de mergholte en in de sponsachtige zelfstandigheid, is tot eenen digten, grooten vetklomp ontaard en het been daarbij tot op eene uiterst dunne en broze schors verteerd, of het vet infiltreert alle tusschenruimten van het beenweefsel, zelfs de allervastste zelfstandigheid.

8) Verweeking der zenuwzelfstamliglieid.

De zenuw zelfs tandighei d, zoowel de aschgraauwe als de witte , van de hersenen, het ruggemerg en de zenuwen, is aan eene roode, witte en gele verweeking onderhevig. De roode verweeking (1. bl. .304) komt het veelvuldigst in de graauwe neurine voor en is altijd een gevolg van ontsteking, zij geneest alleen met secundaire atrophie. De witte, hydrocephalische verweeking (I. bl. 363 en 403) kan ontstekingachtig en niet ontstekingachtig van oorsprong zijn en bestaat in de maceratie der neurine door eene kleurlooze, eiwithoudende vloeistof. De ge le verweeking (II. bl. 33), eene primaire en secundaire, is een met koudvuur der overige deelen en met maagverweeking overeenkomend proces. — Verder veroorzaakt ook de atrophie der zenuwzelfstandigheid (II. bl. 85), alsmede haar oedeem (II. bl. 59) eenen verhoogden graad van weekheid; ook maakt de vetontaarding, waaraan somtijds de zenuwen, vooral bij oude, zeer uitgeputte personen, in verlamde en vetachtig ontaarde spieren onderhevig zijn, dezelve weeker dan gewoonlijk.

3) Verivceking' van liet slijmvlies.

De slijm vlies verweeking, van welke wij eene kleurlooze (witte,, geelachtige) en eene gekleurde (roode, bruine, zwarte) hebben leeren kennen, doet vooral het slijmvlies van den slokdarm, de maag en het darmkanaal aan, en is of van eene ontstekingachtige natuur (roode verweeking) of een proces van versterving (II. bl. 14). — Oedeem (II. bl. 01) doet het slijmvlies insgelijks verweeken.

4) Vcrweehing der spierzeirstandiglieid.

Het spierweefsel kan onder verbleeking, verslapping en ligte verscheurbaarheid, zeer week worden, gelijk zulks in chronische, uitterende ziekten, bij oedeem der spieren (II. bl. 62) en marasmus (II. bl. 72) het geval is; of het wordt bij slijmvliesverweeking, secundair verweckt. Inzonderheid echter veroorzaakt de vetontaarding

van het spiervleesch eenen hoogen graad van verweeking. Het

hart vertoont, bij zijne passive verwijding, atrophie, ontsteking en vetzucht, eene vermindering van consistentie.

De vetontaarding der spieren [steatosis musculorum) bestaat

Sluiten