Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beenderen; I. 398). — Hyper- en atrophie der spierzelfstandigheid is gedeeltelijk of algemeen, de eerste komt, als ziekelijke, de verrigtingen storende toestand (II. bl. 68), alleen in de onwillekeurige spieren voor, inzonderheid in het hart en in het spiervlies van de darmen en de pisblaas. De atrophie (II. bl. 72) treft men ook dikwijls in willekeurige spieren aan. — De versterving van het spierweefsel (II. bl. 32) komt het meest door verettering en verzwering, die van ontstekingachtigen aard kunnen zijn, en zeldzamer door koudvuur tot stand.— Uitstortingen van bloed en water in het spierweefsel (II. bl. 49 en 62) zijn niet menigvuldig. — Wat de afwijkingen in de vastheid betreft, komt er verweeking van het spierweefsel door vetontaarding (II. bl. 138) en verharding (II. bl. 142), door infiltratie met ontstekings- of kankerachtige voortbrengselen tot stand. — Van de ziekelijke vormsels treft men in het spierweefsel teleangiëctasiën (II. bl. 157), vetophoopingen (II. bl. 138), cysten (II. bl. 66), fibroïdweefsel) ontstekingscallus), tuberkels (I. bl. 187), kanker (I. bl. 204), entozoa (echinococcus, cysticercus, trichina spiralis, I. bl. 152) aan.— Spontane verscheuringen van spieren (II. bl. 162) komen het meest in hypertrophische spieren voor.

/>. "Voedingsorg-anen.

Tot de voeding van het ligchaam dienen inzonderheid de klieren en de vliezen, voor zoo ver zij de bereiding en de zuivering van het bloed regelen. De ziekten van deze deelen moeten, naar mate van het onderscheid hunner verrigtingen, ook zeer verschillende verschijnselen te weeg brengen, en zullen hier slechts kortelijk vermeld worden, dewijl zij eigenlijk bij de beschouwing der verschillende ligchaamsstreken behandeld moeten worden. De ziekten der huid worden insgelijks later behandeld.

1) Slijmvlies.

Het slijmvlies (I. bl. 305) ondergaat (in eene groote uitgestrektheid en zijne geheele dikte, of op enkele plaatsen, in sommige lagen, in zijne slijmblaasjes, plooijen en vlokken) het gemakkelijkst en menigvuldigst van alle weefsels, eene ziekelijke verandering, inzonderheid is zijne hyperaemie (I. bl. 64) en ontsteking (I. bl. 305), welke laatste als catarrhus (I. bl. 306) en croup (I. bl. 309) voorkomt en zeer verschillende stoornissen (hypertrophie, polypen, zweren, phthisis, verharding, verweeking enz.) veroorzaken kan, eene der veelvuldigste ziekten. — Ook is het slijmvlies aan verwoestingsprocessen (II. bl. 6), zoo als verettering en verzwering (van ontstekingachtigen, tuberculeusen en kankerachtigen aard), aan versmelting, verweeking, wegknaging door zuren enz. en aan koudvuur zeer onderhevig. — Bloedingen in het weefsel der slijmvliezen (II. bl. 49) of nog meer in de holten, die zij bekleeden (li. bl. 49), komen insgelijks zeer ligt tot stand. — Daarentegen is het oedeem der slijmvliezen (II. bl. 61) en de waterzucht hun-

Sluiten