Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niet tot het vaststellen der diagnosis van bepaalde ziekten verleiden (vooral niet Lij kinderen, waar liet aangezigt dikwijls met het overige ligchaam in tegenspraak is): den lijder aan zijnen nejis te willen aanzien, wat hem scheelt, is eene ijdele kwakzalverij; in tegendeel moeten alle deelen des ligchaams naauwkeurig door den Geneesheer onderzocht worden, wil hij eerlijk en naar zijn geweten de diagnose der ziekte vaststellen. — De meeste ziekten, die in het aangezigt voorkomen, hehooren tot het gebied der heelkunde, slechts in de neus- en mondholte komen abnormale toestanden voor, die eene meer algemeene beteekenis hebben. Verder neemt men in het aangezigt niet zelden neuralgien in de takken van den nero. trigeminus (in den nerv. infraorbitalis, frontalis, mentalis, alveolaris sup. enz.), als ook verlammingen van den nerv. facialis en kramp in de kaauwspieren (trismus) waar.

Ziekten van den neus. Zij ontstaan meestal door plaatselijke oorzaken, maar hangen ook wel van algemeene ziekten af. De uitwendige neus, wiens bewegingen hij moeijelijke ademhaling in het oog vallen, is, wegens de talrijke smeerblaasjes van zijn huidbekleedsel , dikwijls de zitplaats van uitslagen (acne s. gutta rosacea) en van herpetische verzwering [lupus), welke laatstgenoemde zelfs de kraakbeenderen en beenderen aantast en wel van de syphilitische verwoesting onderscheiden moet worden. Door liypertrophie van het onderhuidscelweefsel en ontaarding der huid, verkrijgt de neus somtijds eene wanstaltige gedaante. Bij aandoeningen van het slijmvlies en het been, is hij somtijds gezwollen en vertoont eene roode kleur, ten gevolge van injectie en varicositeiten der vaten (koper-, wijnneus). — Het slijmvlies der neusholte is zeer ligt aan ontsteking onderhevig (verkoudheid; I. bl. 312) en deze kan polypeuse woekeringen en zweren (ozaena) veroorzaken*. Overigens komen hier verzweringen uit zeer verschillende oorzaken voor (II. bl. 7). —• De neusbloeding (II. bl. 49), die op zeer verschillende toestanden, van eene plaatselijke of algemeene beteekenis berusten kan, vereischt, om die reden, een naauwkeurig onderzoek der neusholte. — De beenige neuswand en de cellige doolhof van het zeefbeen worden somtijds, in eene groote uitgestrektheid en zeer snel door ulcerative en koudvurige processen (vooral van sjphilitischen en kankerachtigen aard) verwoest. — De s 1 ij mboezems, inzonderheid die van het voorhoofds- en bovenkaaksbeen, nemen niet zelden aan de ziekten der beenderen en van het slijmvlies der neusholte deel. — Als zuivere zenuwaandoeningen vermeldgn wij hier de hyper- en anaesthesie van den n. olfactorius; de eerste bestaat in eene ziekelijke, verhoogde gevoeligheid voor riekende bestanddeelen (hyperosmie) en in subjective aandoeningen van den reuk (parosmie, reukshallucinatiën); de laatste is ongevoeligheid voor riekende stoffen (anosmie).

Dc ziekteverschijnselen bij de neusziekten zijn: zigtbare en tastbare veranderingen in de kleur, den vorm en het maaksel van het slijmvlies en den uitwendigen neus; — verhinderde of geluidmakende doorstrooming van lucht door de neusholte (snuiven); — uitvloeijing en uitsnuiting van verschillende vloeibare en vastere stoffen ; — subjective gewaarwordingen , pijnen

IT- 15

Sluiten