Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

chitis capillaris) of van zaraendrukking (door tuberkel-granulatiën), of van zamenschuiving (supplementair ademen), of van een bloedrijker vaster parenchyma (puëriel ademen). —(3) Verminderd is het celademen bij verwijding der fijnste bronchiaaltakken en der longblaasjes (empliyseem), alsmede bij verdooving van hetzelve (door pleuritisch exsudaat) en bij onvolkomen ademen. — y)Vesiculair reutelen (knitserend gereute.1; II. bl. 250); bij oedeem, catarrhale longontsteking , in het 1ste en 3de tijdperk der croupeuse longontsteking, bij haemoptoïschen infarctus , waar vloeibaar bloed in de longcellen aanwezig is.

b) Medeklinkende geluiden (medeklinkend bronchiaalademen, medekl. gereutel, medekl. stem; II. bl. 251) bij een volkomen gecomprimeerd (bij empyeem, hydro- en pneumothorax), door vaste infiltratiën (croupeuse, tuberculeuse, bloedige, kankerachtige) gehepatiseerd en verschrompeld longweefsel (bronchiëctasie, verharding). Derhalve inzonderheid in het tweede tijdperk der pneumonie en verharde hepatisatie, tuberculosis en bij grooten haemoptoïschen infarctus.

c) Onbepaalde geluiden (ademen, reutelen, stem) zijn van zeer geringe en twijfelachtige diagnostische waarde (II. bl. 250). De onbepaalde reutelgeluiden (II. bl. 251) geven nog de meeste zekerheid en duiden gewoonlijk op de aanwezigheid van vloeistof in de grootere luchtpijptakken.

Over het voortgeplant bronchiaalademen zie II. bl. 250; — over den amphorischen weerklank en den metaalgalm zie II. bl. 251; — over het pleuritische wrijvings- en uitspanningsgeruisch zie II. bl. 251.

NB. Men verzuime ook niet bij de auscultatie de stem op dezelfde plaats der borstkas aan de regter en linker zijde te vergelijken; uit de meerdere duidelijkheid der stem boven een gedeelte der longen, kan men, naar het schijnt, tot eene vermeerderde vastheid en minder luchtgehalte der long besluiten. Dit verschijnsel is, vooral in het begin der tuberculosis, van belang.

De oorzaken der long- en borstvliesziekten berusten dikwijls op eenen erfelijken of aangeboren aanleg, verder op hartziekten, misvormingen der borstkas, ziekten des bloeds, op overmatige inspanning of te zwak gebruik der longen enz. Bij de verschillende ziekten der borstorganen zijn de oorzaken zoo menigvuldig en dikwijls zoo duister, dat hare opsporing meestal geheel onmogelijk is, en overigens ook niet van zulk een hoog gewigt kan "enoemd worden. Liever bevlijtige zich de praktische Geneesheer, eene bestaande borstkwaal door middel van de natuurkundige diagnostiek, die men tot de vaststelling der diagnosis bij voorkeur moet, maar niet bij uitsluiting mag gebruiken, en die altijd in bezigtiging, betasting, betastingspercussie, percussie en auscultatie bestaan moet, behoorlijk op te sporen en na te vorschen. Overigens drijve men ook geene kwakzalverij met de natuurkundige diagnostiek, gelijk zulks het geval is, wanneer velen de tuberkels, nog vóór dat zij zijn afgezet, door de auscultatie willen ontdekken.

|J. Organen, van den bloedsomloop.

Het spierachtige hart, — dat uitwendig met het binnenste blad van het hartezakje (I. bl. 255) overtogen en los weg door deszelfs buitenste blad omhuld wordt, van binnen door het endocardium (I. bl. 301) bekleed is, — ligt achter het borstbeen en dc kraakbeenderen van de 4d0-6Je rib, en kan bij zijne zamentrekking, waarbij het vaster en meer kogelrond wordt, zich meer naar voien welft en met een' ruk tegen den borstwand aandrukt, in eene of of meerdere tusschenribsruimten (gewoonlijk tusschen de 5d« en 6'le

Sluiten