Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I. Ontwikkeling der bewerktuigde voortbrengselen.

De elementairdeelen, zoo wel van normale als pathologische weefsels in het menschelijke ligchaam, die voor het bloote oog niet toegankelijk, maar alleen door het mikroskoop zigtbaar zijn, komen volgens het tegenwoordige standpunt onzer kennis, in de volgende vormen voor: als verschillende kristallen, gelijkvormige zelfstandigheden, korreltjes (nucleoli), kernen [nuclei), cellen, vezelen en doorschijnende vliezen. Deze elementen kunnen uit een' der genoemde vormen door tusschenvormen in andere overgaan, en de normale en pathologische weefsels vertoonen dan ook meestal op de verschillende trappen hunner ontwikkeling verschillende vormelementen, ja dikwijls vertoonen ziekelijke voortbrengselen van dezelfde soort in verschillende personen eene zeer verschillende zamenstelling.

Als gemeenschappelijk ontwikkelingsbeginsel voor de onderscheidene elementairdeelen van het organismus, het zij dierlijk of plantaardig, hebben sciileiden en schwanh de celvorming gevonden. Deze zou op de volgende wijze plaats hebben: dat er in een homogeen vloeibaar cytoblasteem kleine korreltjes (kernligchaampjes, nucleoli) ontstaan, van welke elk afzonderlijk of verscheidene te zamen, tot eene kern worden, doordien zich eene fijn korrelige zelfstandigheid rondom hen plaatst (d. i. de celkern, cytoblast, nucleus, en wel met een' of meerdere nucleoli). De kern wordt nu met een vlies bekleed (celwand), dat haar aanvankelijk naauw omsluit, maar zich later door zijnen snelleren wasdom en de opslorping van vocht uit den omtrek, meer van haar verwijdert, zoo dat er tusschen de kern en den celwand eene ruimte (de holte der cel) ontstaat, die met eenen van de zelfstandigheid der kern en van den wand wezenlijk verschillenden celleninhoud gevuld wordt. In de zoo ontstane cel ligt de kern of in het middelpunt (centrisch) of excentisch, tegen den inwendigen celwand aan. Door de verdere gedaanteverwisselingen dier cellen zouden dan alle bewerktuigde weefsels ontstaan. — Latere onderzoekingen hebben echter geleerd, dat deze eenzijdige wijze van celvorming, die

Sluiten