Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Proteine wordt in alle verdunde zuren opgelost, en vormt daarmede verbindingen, die bij overmaat van zuur moeijelijk of in het geheel niet oplosbaar zijn. Uit de zure oplossing wordt zij daarom door nieuwe bijvoeging Tan zuur nedergeslagen, door water weder opgelost. Alleen azijnzuur en ongegloeid phosphorzuur lossen ook in overmaat proteine op. Zoo zij met deze zuren overgoten wordt, wordt zij aanvankelijk geleiachtig, welke gelei zich in water slechts langzaam oplost, spoediger echter wanneer het mengsel verwarmd wordt. Na de verdamping der azijnzure oplossing blijft er eene doorschijnende, geelachtige massa terug, die, na volkomen gedroogd te zijn, in water niet weder oplosbaar is. Ook citroen- en wijnsteenzuur, alsmede koolzuurhoudend water, lossen de proteine op (Bird). Uit alle zure oplossingen wordt zij door potassium-ijzercyanure en cyanide, door looistofzuur en loogen nedergeslagen. Dat het door cyanuretum ferri et potassii wordt nedergeslagen, beschouwt Berzelius als een eigenaardig kenteeken. De nederslag bestaat uit blaauwstofijzer en eene blaauwstofverbinding van de proteine, welligt blaauwstof-waterstofzure proteine. Looistofzure proteine verkrijgt men, wanneer men eiwit met water verdunt en met looistof van den eikenbast nederslaat.

Door zamengedrongene zuren wordt de proteine veranderd. In zuiver salpeterzuur vormt zich onder ontwikkeling van stikstof, xanthoproteine-zuur, ammonia, acidum oxalicum en appelzuur. In zwavelzuur gekookt, wordt zij purperkleurig en gaat zij in leucine en lijmsuiker over. Met koud zwavelzuur getrokken, vormt zij onderscheidene verbindingen. Wanneer proteine met zoutzuur getrokken wordt, dan ontstaat er eene violette of blaauwe kleur, volgens Mulder door de vorming van salmiak en humuszure ammonia.

Proteine wordt in verdunde loogen en in oplossingen van alkalische aarden zonder ontleding opgelost. Wijngeest slaat haar uit de

albamine in water verkregen "wordt. en een voornaam bestanddeel der ontste— kinrnkorsten vormt. In liet bloed is zij steeds in eene kleine hoeveelheid aanwezig, even als in de etter [pyine), terwijl zij in de longen wordt bereid. Eene andere verbinding van de proteïne met zuurstof is de bi-oxy-proteine, welke uit de haren wordt verkregen, door deze in potaseh op te lossen en door een zuur neder te slaan. Het eerste praecipitaat, hierbij verkregen, is proteine, het tweede bi-oxy-proteine, C40, U62, N'°, O14. Verg. Mol der, Proeve eener pliysiologisclie scheikunde , p. 331. ^ ERT-

Sluiten