Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de vloeistof bleef eindelijk bij het uitdampen eene kleine hoeveelheid eener zelfstandigheid over, welke zich jegens herkenningsmiddelen tamelijk indifferent hield, en met name door looizuur naauwelijks troebel werd gemaakt.

Het wijngeest-extract van het bloed en de melk komt met dat van het vleesch in zeer vele opzigten overeen; in de melk wordt er echter door sublimaat geene troebelheid voortgebragt; ook in de urine kon Simon geene nederslagen voortbrengen door onzijdig azijnzuur loodoxyde, sublimaat en looistof. Eene door wijngeest uitgetrokkene extractaardige stof, osmazoom, is ook in het speeksel gevonden.

Het uit de urine nedergeslagen piszuur wordt na de afwassching dikwijls rood of lakkleurig, door eene vreemde, met het zuur verbondene kleurstof. In koortsen is de hoeveelheid der kleurende stof vermeerderd; de urine is hoog rood, en zet een sterk , zegellakkleurig bezinksel af. Alkohol trekt de kleurstof uit, en laat na de uitdamping een scharlakenrood, reuk- en smaakloos poeder achter. Prout hield hetzelve voor purperzure ammonia (murexide), waartegen echter zijne oplosbaarheid in alkohol spreekt. Waarschijnlijk is het slechts eene door het zuur bewerkte wijziging der extractiefstof, daar ook gewone urine , wanneer men haar eenigzins heeft uitgedampt, door verdund salpeterzuur allengs donker rood wordt en na de bijvoeging van een piszuur zout een rood bezinksel afzet, hetwelk uit piszuur en de kleurstof bestaat (Duvernoy). Inderdaad reageert volgens Duvernoy de urine in koortsige toestanden steeds duidelijk zuur. De roode kleurstof is in verdund zwavelzuur oplosbaar; door zoutzuur wordt zij allengs geel. Hare oplossing in water wordt door loodazijn rozenrood nedergeslagen, door salpeterzuur-zilver groen. Eene soortgelijke stof heeft Landerer (1) in het zweet der okselklieren van eenen koortslijder gevonden, en ik herinner mij dikwijls waargenomen te hebben, dat na een sterk zweet, ook in gezonden toestand, het linnen rood gekleurd schijnt. Welligt ontstaat deze eigenaardige verandering der extractiefstof in het algemeen dan, wanneer er veel zuur, vooral melkzuur,'in het ligchaam gevormd wordt.

(1) bucuner's Repertor. v, 234.

Sluiten