Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schrift (1), dat met zooveel warmte werd opgenomen, omdat het voor een menigte bekende daadzaken den sleutel en aan nieuwe, stelselmatige onderzoekingen de rigting gaf. Sciiwann bewerkte zelfs volgens dit beginsel de ontwikkeling der meeste weefsels, terwijl hij van de aanwezige waarnemingen gebruik maakte en ze verklaarde, en de gapingen door eigene onderzoekingen trachtte aan te vullen. \\ anneer nu ook in het bijzondere nog vele twijfelachtige punten zijn op te lossen, vele opgaven juister moeten worden gemaakt, ja wanneer de kernbevattende cellen, waarvan het wel den schijn heeft, slechts eene species of een secundaire vorm van organische elementaire deeltjes waren, dan zal onze tijd toch steeds dankbaar den invloed moeten prijzen, welken Sciiwann's arbeid heeft uitgeoefend.

Nog altijd heerschten er in de physiologische werken de onduidelijkste begrippen over de voeding der organen en over de krachten, welke de voorwaarde voor groei, afscheiding en reproductie uitmaken. Men dacht zich deze processen onder den invloed nu eens van het zenuwstelsel, dan weder van de bloedvaten, hoewel de beschouwing van den kiem, die met de organen ook zijne zenuwen en bloedvaten uit eene gelijkvormige zelfstandigheid voortbrengt, al lang tot andere gedachten had moeten leiden. Het is eene hoofdverdienste van Sciiwann, dat hij heeft aangetoond, dat de aanwezigheid van vaten geen wezenlijk verschil van groei te weeg brengt, maar slechts tot eenige punten van onderscheid aanleiding geeft, die zich als gevolgen van de verdeeling der voedende vloeistoffen en van de meer of minder gemakkelijk gemaakte stol verwisseling laten verklaren, terwijl aan den anderen kant de studie van de verrigtingen des zenuwstelsels tot eene juistere bepaling van zijn aandeel aan de bloedbeweging en daardoor aan de voeding gelegenheid gaf. Ik zal dit onderwerp in de hoofdstukken , welke over de bedoelde systemen handelen, wijder uiteen zetten.

Wij zijn tot het resultaat gekomen, dat het organisme uit een zeker aantal van elementaire deeltjes, monaden of organische

(1) Mikroskopische Untersucliungen etc. 1339. Vorlüufige Mittheilungen in Froriep's N. Not. 1838. n° 91, 103, 112.

Sluiten