Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

digheid, Maardoor de wanden in dikte toenemen, zoowel bij dieren als bij planten (i) waargenomen. Cellen met laagswijs verdikte wanden doen zich bij de miskroskopische beschouwing als gestreept voor; aan cylindrische en polyedrische cellen zijn de strepen evenwijdig aan de uitwendige omtrekken; aan kogelvormige cellen vormen zij concentrische kringen. Aan sommige cylinders en plaatjes der opperhuid heb ik zoodanige strepen waargenomen ; Schwann (2) gelooft, dat hij ze in kraakbeencellen heeft gezien. Wanneer de verdikking van den wand steeds voortgaat en gelijktijdig de cellen plat worden, dan wordt ten laatste de holte aangevuld, kern en inhoud zijn niet meer van elkander te onderscheiden, en de cel wordt een vast plaatje, even als de plaatjes van de bovenste lagen der epidermis.

Indien men zich aan eenen celwand enkele punten of kleine cirkelvormige plaatsen zoo gevormd denkt, dat eene nederzetting van zelfstandigheid aan zijne binnenste vlakte niet kan plaats hebben, dan zal de daaropvolgende concentrische laag, die er gevormd wordt, op deze plaats afgebroken zijn; zoo zich dit bij de aangrenzende en alle volgende lagen herhaalt, dan ontstaan er in den verdikten celwand cylindrische kanalen, die, van de centrale holte der cel uitgaande , aan den buitensten rand blind eindigen. Een blik op de nevensstaande figuur, die eene ideale doorsnede

vertoont van eene op die wijze verdikte cel, zal de vorming aanschouwelijk maken. Dergelijke kanalen , die in vele soorten van plantencellen , met name in de cellen van het hout der coniferae, in de mergcellen der vlier, in hetparenchyma van den cactus, in de harde massa's of zoogenaamde versteeningen in de peren enz. voorkomen, worden met

den naam van gestippelde of porenkanalen aangeduid, en de donkere vlekken, welke, met de blinde einden der gestippelde kanalen overeenkomende, aan de oppervlakte der cellen gezien worden, heeten

(1) Door Mom, zie Meven's Pflanzenphys, I, 25,

(2) t, a. j). S. 22

Sluiten