Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der builen het ligchaam mogelijk, dan kan hare mogelijkheid Linnen het ligchaam niet ontkend worden. En hoe staat het met het bewijs voor de stelling, dat de zelfstandigheden, die zich in de cellen bevinden, eerst door de cellen gevormd moeten worden ? Letten wij, de algemeen verspreide proteineverbindingen, extractiefstoffen en vetten daargelaten, op de specifieke afscheidingen, dan is het van de wezenlijke bestanddeelen der urine zeker, dat zij vooraf in het bloed aanwezig zijn, en van de gekende bestanddeelen der gal is liet in eene hooge mate waarschijnlijk (zie het scheikundig gedeelte). In de pathologie is deze beschouwingswijze reeds de heerschende, en de afscheidings-metastasen, die men vroeger aan eene resorptie van afgescheidene stoffen uit de klieren en wederopneming in liet bloed toeschreef, laten zich nu natuurlijker kennen als gevolgen van de gestoorde afscheiding en het achterblijven van de zelfstandigheid in het bloed. Haematine komt niet vrij in het bloed voor, welligt echter enkel daarom, dat zij door de bloedbolletjes steeds weder wordt opgenomen, en derhalve om dezelfde reden, waarom in het gezonde bloed geene of slechts eene zeer kleine hoeveelheid pisstof gevonden wordt. Slechts een zeer klein aantal stoffen wordt bepaald eerst buiten liet bloed in de cellen gevormd, zoo als de hoornstof en de lijmgevende zelfstandigheden. In de eerstgenoemde stof worden de cellen niet dan na de ineensmelting van wand en inhoud veranderd; zij kan derhalve niet door de kracht van den celwand alleen ontstaan.

Wat nu de eigenlijke uitscheidingsstoffen aangaat, kan men de tegenwerping maken, dat deze wel is waar reeds bereid naar de lever, de nieren enz. worden toegevoerd, maar toch bij de voeding door de metabolische kracht van andere cellen gevormd en zoo in het bloed geraakt zijn. Dit laat zich noch tegenspreken, noch bewijzen; er bestaat zelfs eenige waarschijnlijkheid voor, dat stoffen, die ten laatste uit het ligchaam worden uitgestooten, in eene zekere mate slechts afval bij de stofverwisseling zijn, slechts datgene uitmaken, hetgeen overgebleven is, nadat elke cel eerst haar deel uit de algemeene voedingsvochten heeft weggenomen. Maar wij bevinden ons met andere, zoo als men het noemt, hoogerc afscheidings-producten geheel en al in hetzelfde geval. Gedurende de zwangerschap. en rijkelijker na de geboorte, worden er

Sluiten