Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eenen , en dat van het nierbekken aan den anderen kant. Beschouwt men het epilhelium der blaas of der pisleiders in zamenhang en op den omgeslagen rand Tan het slijmvlies, dan doet het zich niet, zoo als plaveisel-epithelium, aan den rand evenwijdig gestreept voor, en ook niet , als het cylinder-epithelium, in eene op den rand loodregte rigting vezelig, maar het ziet er korrelig uit, hoogstens in eene korte streek van den rand af aan loodregt op denzei ven gestreept. Meestal ziet men ook verscheidene lagen van cellen boven elkander, terwijl bij het cylinder-epithelium steeds slechts ééne laag regt duidelijk is. Afzonderlijk beschouwd, bezitten de cellen eene cylindrische of conische gedaante; maar zij zijn ook met rondachtige cellen vermengd,, en in het algemeen met onregelmatige, die soms aan de beide uiteinden spits zijn, en soms ook aan het eene uiteinde in lange en dunne draden uitloopen.

Ook bij de ontwikkeling schijnt het cylinder-epithelium eerst onder den vorm van plaveisel-epithelium voor te komen. Op vliezen met cylinder-epithelium vond ik somtijds onder volkomen gevormde cellen sommige ronde, die slechts aan eene zijde met een kort verlengsel of steel voorzien waren. Ik hield ze voor onrijpe epithelium-cylinders (1). Op de darmvlokken van eene jonge kat, op den tienden dag na de geboorte, wanneer het darmkanaal gewoonlijk vlug vervelt, waren in een geval, in de plaats van de cylinders, fijne, polyedrische plaveiselcellen van 0,005"' doormeting tot eene opperhuid aaneengevoegd. Zonder twijfel zouden zij zich later tot cylinders ontwikkeld hebben. Ook in de klieren met cylinder-epithelium komen van tijd tot tijd ontwikkelde vormen voor, die met de elementen van het overgangs-epithelium overeenkomst bezitten (PI. V, fig. 20). In ziekelijk afgestootene opperhuid komen dikwijls verschillende tusschenvormen voor. Zoo zag ik in een geval, dat ik hierbij vermeld, hoewel het eigenlijk tot het flimmer-epithelium behoort (2), in het afgestooten epithelium der trachea onder groote en volkomen ontwikkelde flimmer-cylinders eerst epithelium-ligchaampjes met eene ovale of cylindrische cel en kleinere kern dan de flimmercylinders, en nog lager korrelige en rondachtige, mo-

(1) Sijmholae, pag. 18, Fjg. 4.

(2) Ueber ScliJeim- uvd Eiterhilchnirj, S. 21.

Sluiten