Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ammonia, kamfer, terpentijn-olie, enz. (1).

g 218. Wat de voorbehoeding van den croup aangaat, is het wel het gewigtigst, de ouders de verschijnselen te leeren kennen, die aan het opkomen dezer ziekte eigen zijn, en hen op de noodzakelijkheid van onverwijlde geneeskundige hulp in het begin der ziekte oplettend te maken; zoo zij door verwijdering van de woonplaats des geneesheers, of door andere omstandigheden, in de eerste oogeriblikken der ziekte aan zichzelven overgelaten zijn, kan hun veroorloofd worden, in ligtere gevallen tot de GiUDL'sclie armbaden, in meer bedenkelijke tot het. aanzetten van bloedzuigers aan den hals, en na eenige uren tot het gebruik van een braakmiddel hunne toevlugt te nemen. Eene bijzondere voorbehoeding, die verschilt van de algemeen geldende gezondheidsregelen voor de ligchamelijke

(1) Wij vermelden hier nog eenige behandelingswijzen van ahdere geneesheeren, die zich op een zeer goeden uitslag in de behandeling van den croup beroemden.

Lentin zet bloedzuigers aan den hals, wendt dan Spaanschevliegenpleisters op den hals en den nek aan en laat een mengsel uit ung. neapolit. 3j en ung- aU>. camphor. 3'>j 'n ^en hals inwrijven; inwendig laat hij alle 2 u. 10-15 droppels van het Elix. pector. reg. Dan. met een theelepel vol van een stroopje, uit ^j syr. seneg. en §iij syr. gumm. ammoniac. bestaande, toedienen.

Jehhie ontlast in het eerste tijdperk van den croup bloed naar den graad der ziekte en den toestand van de krachten des lijders, geeft dadelijk na de eerste bloedontlasting ligte braakmiddelen en gaat daarmede voort in kleine giften en naar bepaalde tnsschenpoozen gedurende het geheele tweede tijdperk. Zoo deze beide geneesmiddelen het beloop van den croup geen paal en perk stellen , gaat hij nu tot de aanwending van blaartrekkende pleisters en mostaardpappen op de borst, de achter- en zijvlakten van den hals, tnsschen de schouders, op de ledematen over. Bovendien raadt hij laauwe baden en het inademen van verzachtende dampen aan. Vaak vindt hij het gebruik van krampstillende middelen (duivelsdrek, zwavelaether, barnsteentinctuur, geest van hertshoorn) noodig, in het tweede tijdperk braakmiddelen, het ophoesten bevorderende geneesmiddelen , waaronder hij aan senega en stjuilla boven den kermes mineralis de voorkeur geeft.

Albers raadt aan, om overal de behandeling met een braakmiddel te beginnen; wijkt de ontstekingachtige toestand na het braken niet, dan eerst moeten bloedontlastingen aangewend worden en onder deze geeft Aibers de voorkeur aan bloedzuigers; alleen bij gevaar van verstikking en beroerte opent hij de strotader en zelfs de slaapslagader. Laten de toevallen niet na, dan prijst hij eene groote blaartrekkende pleister op de voorzijde van den hals aan, maar laten zij na, dan wacht hij het weder toenemen derzelve af, om haar aan te wenden. Deze drie geneesmiddelen zouden de ziekte meestal wegnemen en alle andere middelen ontbeerlijk maken. Als ondersteunende middelen noemt hij kwik , braakmiddelen in het tijdperk, waar uitgezweete stof ontlast moet worden, muskus om de krachten te ondersteunen en de kramp der luchtwegen te bestrijden.

Gölis wendt tegen croup bloedzuigers, calomel, dikwijls tot 1 grein alle uren, en buitendien inwrijvingen op den hals en het bovenste gedeelte der borst uit gelijke deelen Ung. mercuriale en Ung. alth. aan; in den tusschentijd geeft hij salpeter; bij moeijelijke ademhaling braakmiddelen, en eindelijk wendt hij Spaanschevliegenpleisters aan, die naar zijn gevoelen de beste middelen zijn om de uitzweeting voor te komen.

Hwelakd dient het eerst den Linctus emeticus (Rp. Tart. emet. gr. j. solve in a<j. font. ^j, oxym. squill., syr. simpl. ana pulv. rad. ipecac. 9j. S. alle \ uren

1 theelepel, tot dat er braking volgt) en, wanneer deze niet helpt, bloedzuigers aan den hals, calomel alle 2 uren {-2 grein, tusschenbeiden een stroopje met salpeter, inademingen van warme dampen, lavementen met 1 eetlepel wijnazijn, toe. Wordt het hierop niet spoedig beter, dan zwavelzuur koper, eerst 1-4 grein, dat het braken verwekt, daarna alle 2 uren % grein; doch , wanneer de verstikkingstoevallen weder toenemen, weder in eene braking verwekkende gift ; daarbij inwrijvingen van kwik zalf, mostaardpappen en Spaanschevliegenpleisters op den hals.

Sluiten