Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hevige koorts en belemmerde adem- Verheffing van de pijn bij eene haling. èleehts geringe drukking op de rib¬

ben en tussehenribsruimten.

De pleuritische pijn is in het alge- Het in het oogloopend vlugtig kameen minder omschreven, dan de rakter der pijnen.

spierpijn.

Dit laatste teeken is echter geenszins zeker, daar de spierpijnen dikwijls zeer lang op eene plaats bepaald blijven.

De pleuritische pijn neemt gemeenlijk tot op de hoogte der ziekte toe en daalt weder in dezelfde evenredigheid met het afnemen der ziekte.

§ 454. De pleuritische pijn is een gewigtig teeken uit de verrigtingen en hare hevigheid staat dikwijls met den graad van sthenie der ziekte in de regte evenredigheid. Lijders aan tuberkels en teringzieken lijden ook soms aan vlugtige stekende borstpijnen, die meest slechts aan eene consensuele aandoening van het borstvlies toe te schrijven zijn; in de lijken vindt men aangroeijingen op de plaatsen, waar de pijnen zaten.

§ 455. Een dof, minder pijnlijk, dan benaauwend gevoel in de borst vergezelt de aandoening van het eigen weefsel der longen. Soms is deze ook geheel onpijnlijk; de deelneming der gevoelszenuwen openbaart zich slechts door angst, luchthonger, belemmerde ademhaling, gevoel van zwaarte; of de pijn wordt slechts bij het diep inademen voelbaar. Dat de pleuritische pijn met aandoening- van het longweefsel kan gepaard gaan , is reeds boven vermeld; zij heeft dan ook dezelfde kenteekenen, als bij eenvoudige borstvliesaandoening.

§ 456. De ziekelijke prikkeling der gevoelige zenuwvertakkingen op de luchthuisvlakte verwekt in de grootere, nader bij da luchtpijp gelegene luchtbuizen , het gevoel van kittelen, prikken, dof branden, schrijnen, eene zwervende doffe pijn , bijzonder onder het borstbeen en langs het bovenste borstgedeelte van de wervelkolom; altijd gaat daarmede hevige drooge of vochtige hoest gepaard; pijn en hoest keeren in periodieke tusschemuimten wederom, onderscheiden zich door nalatingen , welke eigenschap ook aan de zenuwopwekking van andere slijmvliezen gemeen is. Hoe verder de luchtbuisvertakkingen van de luchtpijp afgelegen zijn, des te minder duidelijk wordt het pijnlijk of kittelend gevoel, maar altijd blijft de prikkeling tot hoesten buitengemeen hevig. De belemmerde ademhaling heeft boven de pijn de overhand. Slepende luchtbuisziekten zijn vaak geheel onpijnlijk.

§ 457. Somwijlen klagen de zieken over een pijnlijk gevoel, spanning, gevoel van vermoeidheid langs de aanhechtingen des middelrifs, door de

hevigheid van den hoest opgewekt.

In het algemeen kan men zeggen, dat de pijn bij borstziekten een zeer bedriegelijk verschijnsel is, aangezien zij in zeer gevaarlijke aandoeningen dezer deelen geheel kan ontbreken , en in andere den schijn van gevaai verhoogt, zonde dat het in de wezenlijkheid bestaat.

§ 458. Iedere aanzienlijke ziekte van de luchtbuizen, de longen, het borstvlies heeft invloed op de bloedmaking. Door eene acute ziekte wordt deze verrigting dikwijls plotseling gestoord, en daardoor het gewigtigst vereischle van het leven snel opgeheven; de zieken sterven asphyctisch; dikwijls gaan de ver-

Sluiten