Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

land hechten aan de meer of minder lijmige hoedanigheid der afgescheidene stof eene groote waarde voor de herkenning en de voorspeiling. Hoe grooter de taaiheid der fluimen is, des te grooler is de geprikkeldheid der vlakte, van welke zij losgemaakt worden; het slijm kleeft vast aap de wanden van het vat, waarin het wordt opgevangen, en laat zich niet van het eene vat in het andere overgieten. De fluimen kunnen op de hoogte der ontsteking met bloed gestreept zijn, maar worden niet roestkleurig, zijn niet naauwkeurig met bloed vermengd. Vindt men bloedstrepen op de oppervlakte deifluimen, dan komen zij uit de luchtpijp en de groote luchtbuizen; zij zijn van eenen dieperen oorsprong, wanneer het bloed in het midden der fluimen zit. Somwijlen behoudt de afscheiding in de luchtbuizen ook bij de slepende, jaren lang aanhoudende luchtbuisontsteking haar doorschijnend uitzien en een taaije glasachtige, eiwitaardige hoedanigheid (catarrhus pituitosus), en is met meer of minder weiachtige deelen gemengd.

§ 511. De hierop volgende verandering van het luchtbuisslijm is, dat het vaster, parelkleurig, geelachtig, groenachtig wordt. Het slijm is los, laat gemakkelijk los, vloeit niet meer zoo ligt ineen. Neemt bij acute luchtbuisaandoening dit slijm op nieuw de glasachtige hoedanigheid aan, dan duidt dit meest eene verergering of instorting der ziekte aan. Bij koortsige luchtbuisaandoening staat de afscheiding dikwijls gedurende de koortsverheffing stil, en wordt weder rijkelijker, zoodra de aanval nalaat. Wordt de luchtbuisaandoening slepend, dan vloeit het vaak geheel etterachtig slijm weder ineen, wordt groen, geel, bruinachtig, en laat zich dikwijls op generlei wijze van waren etter onderkennen. Soms hangt de afgescheidene stof stevig aan de wanden van het vat vast, soms zwemmen de gevormde fluimen, soms zakken zij in het doorschijnend slijm op den bodem. Somwijlen is er een weinig zwartachtige kleurstof, zoo als die in de longen wordt uitgescheiden f daarbij gemengd; dikwijls hangt deze zwartachtige kleur ook slechts van bijgemengd stof af. Onder het microscoop ontdekt men een groot aantal etterbolletjes of epitheliumcellen in dit etterachtig slijm. Gewoonlijk zijn de luchtbuisfluimen reukeloos, somwijlen worden zij bij slepende luchtbuisontsteking aanmerkelijk stinkend, even als de grijsachtige fluimen bij koudvuur der longen (Andral). In den acuten slijmvloed der luchtbuizen is de afscheiding der luchtbuizen dikachtig , gelijk aan druiperslijm. Somwijlen vindt men in het luchtbuisslijm galkleurstof, brokken eiwit. Met hoe meer inspanning het ophoesten van de afscheiding in de luchtbuizen gepaard gaat, des te schuimachtiger is het uitzien derzelve.

§ 512. De hoeveelheid van uitgeworpene afgescheidene stoffen der luchtbuizen is in acute en slepende slijmvloeijing der luchtbuizen vaak zeer aanzienlijk, tot verscheidene ponden daags klimmend; in slepende luchtbuisontsteking gemeenlijk aanmerkelijker. In eenen aanval van asthma humidum kunnen 1—2 pond slijm door hoesten en koren ontlast worden, en men kan gelooven, dat er zich een etterzak geopend heeft. De slijmvloeijing der luchtbuizen neemt somwijlen snel en in het oog loopend toe, met klimmende belemmering van de ademhaling en alle teekenen van stikzinking. In andere gevallen (b. v. Laennec's catarrhus pituitosus) is de hoeveelheid der afgescheidene stof weder zeer onbeduidend, en bepaalt zich soms tot een paar glasachtige parelkleurige fluifnen, die de zieke des morgens bij het

Sluiten