Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

§ 713. Het borstvlies kan onafhankelijk van het longweefsel ontstoken worden, ofschoon het ook zelden gebeurt, dat de long zelve niet gelijktijdig meer of minder veranderd is. ^Vij spreken hier niet enkel over die gevallen, waarin zich de vochtstilstand uitsluitend tot de pleura der ribben of der longen beperkt; even als bij de longontsteking wanneer de long voornamelijk aangedaan het borstvlies in eenen geringeren graad sympathisch mede aangedaan is, ofschoon in eenen geringeren graad, lijdt gewoonlijk de long ook weder bij primaire of de overhand hebbende aandoening van het borstvlies mede; de primaire pleuris, die den boventoon heeft is hier het onderwerp onzer beschouwing.

§ 714. De weivliezen zijn uit veelvuldig ineen gewevene celweefseldraden gevormd, die zich somtijds in verschillende lagen laten afscheiden; op hunne vrije vlakte zijn zij met eene zeer dunne laag pleisterepithelium overtrokken ; in hunne zelfstandigheid, gelijk ook op hunne aanhechtingsvlakte zijn zij met talrijke uit het naburig celweetsel komende bloedvaten doorweefd. J. Muller en Bruns beschouwen deze vaten als tot de zelfstandigheid van het weivlies behoorende; daardoor wordt de ontsteking in dezelve mogelijk.

Ontleedkundige kenmerken.

(jj 715. De borstvliesontsteking is óf gedeeltelijk, tot enkele plekken beperkt, óf over een of beide borstvlieszakken uitgebreid. Daar de borstvliesontsteking in het eerste tijdperk bijna nimmer doodelijk eindigt, heeft men getracht de veranderingen van hetzelve uitproeven aan dieren te leeren kennen (Gendrin , IIasse en ik zelf). Het eerst ontwikkelt zich op de door vochtstilstand aangetaste pleura eene gepuncteerde, op bloeduitstortingen gelijkende roodheid; Gendrin zag bij levend geopende dieren, dat het geheele borstvlies ten gevolge van de gelijkmatige opspuiting van het onderweivliescelweefsel en misschien van de aanhechtingsvlakte van het borstvlies eenen rozenrooden grond vormde, waarop zich de roode punten vertoonden. Deze punten puilen een weinig uit, en zijn met eenen kring van stei k opgevu e vaten omringd; de vaten kunnen breede vlekken, strepen vormen. Het weivlies verliest van lieverlede zijnen glans en gladheid. Zeldzaam wout de roodheid volkomen gelijkvormig; de vaatovervulling dringt in e na )u rige lagen celweefsel door. De eerste sporen van uitzweeting vertoonen zich in kleine matwitte geelachtige puntjes op de bijzonder vaatrijke plaatsen , die zicb allen als vlakke ligchaampjes boven de oppervlakte verheften en met elkander ineenvloeijen. Eene verdikking van het weefsel van het borstvlies heeft geer.e plaats, zoo men niet de afzetting van sclnjnviiezige lagen op hetzelve daarvoor houden wil. He ontsteking van het weivliesblad, dat de long overtrekt is meestal minder hevig , dan dat der ribben.

§ 716. De vochtstilstand van weivliezen is evenmin denkbaar zonder eene gelijkelijk medegaande verandering hunner afscheiding , als de vochtstilstand der slijmvliezen. Deze heeft echter met het begin van die vochtsti stand plaats. Laenbec en IIasse verwerpen met regt de door Ahdbal en anderen aangenomene zoogenoemde pleuritis sicca. Ik heb bij konijntjes reet 13 uien na de opwekking van ontsteking in het borstvlies vochtuitzweeting gevonden. Op de evenredigheid tusschen vaste, stolbare en vloeibare «8cleu der uitgezweete stof komt het aan , of zij volstrekt niet, of ge( -e te ij •. o

Sluiten