Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IV.

WATERZUCHT.

A) BORSTWATERZUCHT.

Verg. de Literatuur van Hydrothorax bij J. Frank, Fraecepta etc. Part. II. Vol. II. Sect. I. p. 676. en Copland, Encyclop. Würterb. Bd. V. S. 115. Niet aangehaald zijn: Lentin , Beitrage. Bd. III. S. 87. — Trocsset , Mém. sur 1'hydrothorax. Montpell. 1806. — Sciiröber tan bek Kolk, Observat. anatomico-pathol. et pract. argum. Fase. I. Amstelod. 1826. Samml. auserl. Abh. Bd. XXXVI. S. 6S0. — J. B. Comte, De 1'hydropsie de poitrine et des palpitations de coeur, promptement dissipées par la digitale pourprée. I*ar. 1822. Mcdical repository. 1823. Nr. 10. — Nacmann , Hdb. der Klinik. Bd. I* S. 223. — H. Kennebï, in Dublin Journ. 1839. Nr. 44. Sciijiibt's Jahrb. Bd. XVI. S. 45. — Williams, Brustkrankheiten etc. S. 246.

Verg. de Litteratuur van liydrops mediastini bij J. Frank, 1. c. S. 699.

§ 926. Onder den naam van hydrothorax moet verzameling van vloeistof in de borst in den ruimsten zin des woords verstaan worden ; de zin des woords sluit dus ook strikt genomen de etterborst in, die reeds elders beschreven is. Hier hebben wij alleen te doen met de vrije verzameling van weiachtig vocht binnen een of beide borstvliesholten , den hydrothorax legitimus der ouden. Er bestaat ook een hydrothorax saccatus; de zak, waarin het vocht besloten is, kan door het borstvlies, door een nieuw weefsel, door schijnvliezen gevormd zijn. In zeer zeldzame gevallen kan het water buiten de borstvliesholte in eenen zak tusschen het ribbevlies en de ribben bevat zijn, de hydrothorax spuriws der ouden. Eindelijk komen er ook waterblazen in de borstvliesholte voor, die somtijds op de uitwendige oppervlakte der longen zitten en, wanneer zij barsten, eene vrije borstwaterzucht vormen. Vocht kan zich tusschen het middelrif en deszelfs borstvliesovertreksel verzamelen; zelfs de schijnvliezen van het borstvlies zijn voor weiachtige infiltratie, even als elk ander celweefsel, vatbaar. Somtijds rijkelijke waterverzamelingen tusschen de afzonderlijke, van buiten door schijnvliezige stof aaneen gehechte longkwabben.

§ 927. Jï'aterzucht is altijd slechts een secundaire ziektevorm; in het gegeven geval maakt zij eenen noemer uit, welks teller (d. i. het veroorzakend ziekteproces) óf bekeud óf nog niet gevonden is. Wanneer Laennec zegt, dat hoe veelvuldig ook de symptomatische borstwaterzucht is, hij de idiopathische voor uiterst zeldzaam moet houden en dat hem in de 2000 lijken, naauwelijks een geval is voorgekomen, kunnen wij deze bewering niet anders verklaren, dan door aan te nemen, dat dit ée'ne geval ten opzigte van de oorzaken duister gebleven is.

i

Ontleedkundige kenmerken.

§ 928. De vochtverzameling binnen in de borstvliesholten is het voortbrengsel van zeer verschillende ziekelijke toestanden van het borstvlies, van de longen, van het hart, van de groote vaten, van de onderbuiksingewan-

Sluiten