Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

delvlies gelegene kankermassa drukt dikwijls de luchtpijp, de luchtbuizen, den slokdarm en sluit de ondersleutelbeensslagader toe. Somwijlen heeft de kankerachtige ontaarding zich reeds tot het borstvlies, tot de naburige ribben en spieren uitgestrekt, en deze deelen in de heteroplastische verandering mede betrokken. Mij is geen geval van middelvlieskanker bekend , waarin niet tevens in de long secundaire mergsponsgezwellen in den vorm van in het weefsel verstrooide erwt- tot walnootgroote, of nog grootere hersenachtige massas ontwikkeld waren. In de luchtbuizen vindt men niet zelden halfverweekte, met het slijmvlies vasthangende afzetsels van kankermassa.

§ 1021. Deze vorm van secundaire encephaloïden der longen, rondachtige , afgescheiden in het longweefsel verstrooide massas, is over het geheel de veelvuldigste en voegt zich bij de kankerachtige ontaarding van andere ingewanden, van de beenderen, de ballen, de huid, de borstklier, de baarmoeder, de lever, de nieren, de hersenvliezen, de watervaatsklieren, vertoont zich vaak na de uitroeijing van kankerachtige gezwellen, maar komt nooit als primaire kanker en zonder voorafgegane kankeraandoeningen van andere deelen voor. Hun ontstaan is door de proeven met inspuitingen door Langemseck verklaard (1). Leverkanker ontstaat vaker secundair uit de kankerachtige ontaarding van die deelen, wier aderen in het poortaderstelsel inmonden. Deze gezwellen hebben meest een mergachtig, zelden een gelei-kankerachtig of melanotisch maaksel, verdringen gemeenlijk het naburig longweefsel, waaruit zij ligt kunnen losgepeld worden, of ontwikkelen zich ten koste van hetzelve, hebben soms eenen zak, soms geenen — en staan dan vaak met de luchtbuizen in verband. Meest voegt er zich zuchtige zwelling der longen en borstwaterzucht bij.

§ 1022. Een andere vorm van kanker der long (en deze is waarschijnlijk alleen zijn primaire vorm) is de kankerachtige infiltratie of de verandering van een groot gedeelte, van eene longkwab, van eenen geheelen longvleugel in een spekachtige, hersenachtige of scirrheuse massa. Altijd is slechts de long van eene zijde daardoor aangetast. In de kankermassa zijn vaten, zenuwen, wanden der luchtbuiskanalen in ééne massa versmolten; somtijds ontdekt men daarin nog de monden der grootere zamengedrukte luchtbuizen; de ontaarding is nergens duidelijk omschreven; de zieke long is dikwijls vergroot, welt dadelijk bij het openen der borstholte naar buiten op, heeft somwijlen zelfs den omvang der zieke borsthelft verwijd; de ontaarding zet de borstwanden uit, breidt zich tot de spieren uit, dringt de ribben uiteen; de gezonde long, de luchtbuis en de slokdarm worden zamengedrukt; de ontaardiiig strekt zich uit tot de groote vaten; het weefsel is meest spekachtig en zelden heeft er reeds verweeking plaats gegrepen, omdat gemeenlijk de dood door verstikking of door andere toevallen vroeger verschijnt. De naburige watervaatsklieren vertoonen eene gelijke ontaarding. Zijn in de andere ingewanden mergsponsgezwellen aanwezig, dan staan deze ten opzigte van hunne grootte en graad van ontwikkeling in eene ondergeschikte evenredigheid tot die van de long. Somtijds komt de primaire kanker der long zonder kanker van andere deelen voor (Bayle heeft e'én;

(1) Zie Deel I , bladz. 199.

25 *

Sluiten