Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tweeden of derden nacht ■volgt dan weder een des te heviger aanval. De gezamenlijke reeks der gedeeltelijke aanvallen, maakt eerst eenen geheelen aanval uit, en deze opeenvolging van stooten gelijkt op die, welke men dikwijls bij lijders aan vallende ziekte aantreft (aanvallen van eenen een« voudigen en van eenen zamengestelden aard). Hoe langer en heviger een aanval duurt, des te langer en vrijer zijn gemeenlijk de daarop volgende vrije tijden.

§ 1208. Hoe lang de zieke na den afloop van eenen aanval vrij blijft, is volmaakt onbepaald. Dikwijls keert deze plaag in het jaar eens, een paar malen, in den herfst, in het voorjaar, soms eerst na verscheidene jaren terug. Somtijds houdt de herhaling eenen regelmatigen maandelijkschen , wekelijkschen rhjthmus, rigt zich naar het wassen en afnemen van de maan, naar den tijd der stonden enz. Veèlvuldiger ontbreekt alle regelmatigheid en het opkomen van den aanval hangt van toevallige oorzaken af, die dikwijls waarlijk idiosyncratisch kunnen genoemd worden. Men heeft de aanvallen zien ontstaan door hitte, in de hondsdagen, in heete kamers, in een heet bad, of door koude, door alle soorten van weersveranderingen, inzonderheid door het plotseling overslaan van koud in warm weder , door snelle barometerafwisselingen, door electrieke spanning des dampkiings. Sommigen lijden meer in een droog, anderen meer in een vochtig jaargetijde; sommigen gevoelen zich beter in vlakten, anderen op bergen, en men heeft voorbeelden van personen, die aamborstigheid kregen, wanneer zij zich tegen eene bepaalde rigting van den wind in bewogen, \elen krijgen den aanval door stoornissen in de spijsvertering of hevige bewegingen , door gemoedsbewegingen, hartstogten, door overlading van de maag tegen den avond, in de duisternis, bij anderen wordt hij door zekere reuken (van ipecacuanha, heliotropen, appelen enz), door het inademen van rook en stof opgewekt. In het algemeen kan men met Mason Good zeggen, dat aamborstige personen geenerlei hevige en ongewone indrukken verdragen. Met den voortgang der organische aandoening, die dikwijls de aamborstigheid te weeg brengt, worden de aanvallen menigvuldiger, heviger en eindelijk hebbelijk.

Ontleedkundige kenmerken.

§ 1209. Er bestaat geene organische verandering van de borstingewanden, van de borstkas, van het borstvlies, van de longen, van het hart, van de groote vaten, van het middelvlies, die men niet reeds in de lijken van aamborstigen eenmaal gevonden heeft (1); ook de hersenen, het ruggemerg ,

(1) Lefèyre geeft de volgende opsomming van alle organische veranderingen, die in Je lijken van aamborstigen gevonden zijn, waarbij ik mij eenige toevoegselen veroorloof: 1) Ziekelijke veranderingen in den toestel van den bloedsomloop. A. In het hart: hypertroplne der kamers; aifeurysmatische verwijdingen van de holten van het hart; verzweringen in het hart (Baiilob, Rostah Bouillaud); verbeening van het hart (Bosset); verbeening der klapvliezen van het hart, van de' kransslagaderen en kransaderen (Rostas , Portal , Leroox); [polypen in de holten van het hart en van de groote vaten (Diemerbroek. , Floïer , Rostas)]. B. In het harte zakje : verbeening van hetzelve (Lieotaod , Morgaghi). B. In de groote vaten : slagaderbreuten [Ramadge heeft de ongerijmde bewering gemaakt, dat aamborstigen niet aan slagaderbreaken zouden lijden ; wij herinneren aan Lawresce's geval van een door slagadcrbreuk van de ongenaamde slagader veroorzaakt asthma, verg. Elliotsos's Yorlesungen, S. 521]; ven.aauwing, verbeening der aorta

Sluiten