Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

a) Alleen staande kwam in al deze gevallen de organische ziekte der zwervende zenuw niet voor; altijd waren daarmede stoffelijke veranderingen in andere deelen, voornamelijk in de hersenen, in het ruggemerg, in de longen en de maag gepaard.

b) In 4 gevallen vond men de zwervende zenuw in haren loop, eens in haren oorsprong uit de hersenen aangetast.

c) ^ aatopspuiting van de zenuwscheede en vervveeking der zenuwmassa der zwervende zenuw kwam tweemaal voor; in een dezer gevallen schijnt de ziekte inderdaad niets anders te zijn geweest, dan eene ziekteverplaatsing van gierstuitslag op deze zenuw en liet ruggemerg. Dat deze zenuwstreken aan het proces van gierstuitslag deel nemen, laat zich naar den toestand, waarin gedurende hetzelve het ademhalings- en huidstelsel verkeeren, naauwelijks betwijfelen.

d) In een geval was atrophie, in een tweede drukking der zenuw door gezwollen watervaatsklieren, en in een derde drukking van hare oorsprongen door uitzweeting en vezelkraakbeenige weefselverandering derzelve aanwezig.

e) Twee gevallen, een hij een 2jarig meisje, het ander bij een even ouden jongen hadden een zeer acuut beloop, binnen 11—14 dagen. Ook het geval , waarin het geheel van het ziektebeeld het verband met gierstuitslag verried (bij eenen 29jarigen jongen man) verliep subacuut. De andere beide gevallen hadden meer een slepend beloop.

ƒ) Bij de kinderen hadden de borstverschijnselen, de klank van den hoest, iets croupachtigs.

g) De moeijelijkheden in hel ademhalen waren in alle 5 de gevallen Je meest uitkomende reeks van verschijnselen. Zij bestonden in beklemming van de ademhaling, in droogen hoest, in een eigenaardig angstgevoel, dat soms uit een gebrek aan lucht (luchtdorst), soms uit eene verhindering, welke zich tegen de uitzetting der long verzettede, scheen te ontstaan.

h) In 4 gevallen was tevens de stem veranderd, somtijds heesch, soms geheel uitgedoofd, afwisselend.

i) In den toestand der maag vertoonde zich in de 5 gevallen niets bestendigs. In een geval (bij atrophie der zwervende zenuw) was onleschbare dorst, in een ander (bij ontsteking van de scheede en verweeking der zwervende zenuw) uiterst geringe dorst gedurende de gehee'e ziekte aanwezig. Tweemalen werd braking waargenomen; in de beide gevallen vond men ook na den dood eenige veranderingen in de maag. In 8 gevallen bleven de spijsverteringswerktuigen geheel vrij van ziekelijke verschijnselen.

k) Evenmin vertoonde het vaatstelsel bestendige verschijnselen. In een geval (atrophie der zwervende en middelrifszenuwen), waar tevens het hart zeer fletsch en scheurbaar werd gevonden , was de pols zeer veranderlijk, soms menigvuldig, soms langzaam, nalatend, zwak, klein, krampachtig; in alle overige gevallen nam het vaatstelsel en het hart geen merkbaar deel aan de ziekte.

I) In 3 gevallen was in het beloop of op het einde der ziekte slapeloosheid , verlies des bewustzijns, ijlhoofdigheid, slaapzucht aanwezig; in twee gevallen bleven de hersenen volmaakt vrij. In het eerste werden meer of minder aanzienlijke veranderingen in de hersenen en derzelver vliezen na den dood gevonden.

«») De dood was in de meeste gevallen rustig.

Sluiten