Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de uitwendige ademhalings-, de bijkomende-, de ruggegraatszenuwen ontspringen uit het ruggemerg. Het verlengde merg is de vrijmagtige regelaar der rhythmische adembewegingen; met deszelfs verwoesting houdt alle ademhaling op. Het lijdt geen twijfel, dat het ruggemerg op de ademhalingswerktuigen eenen ziekteverwekkenden invloed moet uitoefenen, hoewel wij dien nog niet naauwkeurig kennen. Is het geoorloofd, om aan vermoedens plaats in te ruimen, dan zouden wel vele gevallen van zenuwachtige kortademigheid bij voorkeur in eene aandoening van het gedeelte der ruggemergs, dat den ademhalingstoestel van zenuwen voorziet, hare oorzaak hebben, de verschijnselen van aamborstigheid worden ligt verklaard, zoodra men aanneemt, dat de leiding des zenuwbeginsels van het ruggemerg af naar de inademingszenuwen tijdelijk belet is. In organische ziekten des ruggemergs nemen de borstingewanden deel, zoodra de ziekte het halsgedeelte des ruggemergs bereikt; dan komen verschijnselen op, die volkomen op die van aamborstigheid gelijken; de zieken hebben het gevoel, alsof de borstkas met eenen band toegesnoerd, [door een gewigt zamengedrukt wordt; zij nemen a le hulpbewegingen te baat, om de gebrekkige inademing te gemoet te komen, hierbij voegen zich de teekenen van onvoldoende bloedverandering enz. Hetzelfde neemt men waar in alle van het ruggemerg uitgaande krampen, in aanvallen van vallende ziekte, reglstijvigheid en vrijsterziekte; altijd lijdt de ademhaling meer of minder op de opgegevene manier.

Lang kan de ruggemergszenuwwerking in de longen niet gestoord blijven zonder onmiddellijk gevaar voor het leven ; stoornis van de vegetative ongereptheid der longen, die van deze bron uitgaat moet dus wel zeldzamer zijn omdat hiertoe vereischt wordt, dat de afbreking van het evenwigt tusschen deze beide werktuigen langer aanhoude. Echter wordt beweerd, dat bloedspuwing en tuberkelzucht uit ruggemergsprikkeling kan ontstaan.

§ 1252. Gelijk de onvolledige bloedverandering en de belemmerde bloedsomloop in zieke longen op de verrigtingen der hersenen, moeten zij eenen beperkenden, veranderenden invloed op die van het ruggemerg uitoefenen; maar deze is, even als de werkzaamheid des ruggemergs over het geheel, minder duidelijk en moeijelijker te herkennen; zelden bereikt de stoornis van dit zenuwmiddelpunt eenen zoo hoogen trap, dat er stuipen of verlamming ontstaan.

$ 12.5.3. Tusschen het hart en de ademhalingswerktuigen is het organisch verband zoo naauw, dat de ziekten van deze beide werktuigen naauwelijks van elkander afgescheiden kunnen beschouwd worden en de werkzaamheden van de long en die van het hart, even als tanden van een kamrad, in elkander sluiten. Deze groote medegevoeligheid openbaart zich dan ook in iedere ziekte van het werktuig voor den bloedsomloop en van dat voor de ademhaling. Overvoeding van de regter hartekamer veroorzaakt door de voor het teeder weefsel der longvaten te geweldige voortstuwing des bloeds verscheuring derzelve, bloedspuwing, infarctus door bloeding, zuchtige zwelling der longen; door gebreken der klapvliezen, aneurjsmatische verwijding der hol. ten, atrophie van het hart, waterzucht van het hartezakje en andere "ebreken van het hart, die belemmerend op den bloedsomloop in de longen werken en den terugvloed des bloeds uit de longaderen bemoeijelijken ontstaan bloedovervuliing van de longen en van het slijmvlies der luchtbuizen vandaar slepende luchtbuisontsteking, bloedspuwing, aamborstige aandoeningen

31 * * '

Sluiten