Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

woonlijk bedekken de longen 1—2 duim ver naar voren het hart. Deze bijzonderheden laten zich bij den levenden mensch door percussie, auscultatie en betasting naauwkeurig bepalen. De verschillende ligchaamsbouw brengt vele wijzigingen te weeg, die nog niet ziekelijk kunnen genoemd worden. Bij individus met eene lange smalle borstkas ligt meestal het hart lager naar den bovenbuik toe, bij individus met eene breede en korte borstkas is het hart meer in de hoogte gedrongen. Verkrommingen der wervelkolom veroorzaken ook veranderingen in de ligging van het hart. Aangeborene ectopicn van dit deel kunnen hier niet in aanmerking komen. Alleen moet de diagnosticus altijd aan derzelver mogelijkheid denken , om dwalingen te vermijden. De ingewanden der linker ligchaamshelft kunnen regts en omgekeerd, dus de aderlijke helft van het hart links , de slagaderlijke regts, de lever links, de milt regts enz. door aangeborene misvorming gelegen zijn.

§ 66. De ziekelijke en verkregene verschuiving van het hart is altijd een verschijnsel eener andere ziekte en wel óf het gevolg van veranderingen van het hart zelf, óf een gevolg van veranderingen der deelen buiten hetzelve. Hjpertrophie, verwijding van het hart, gezwellen van het hartezakje, uitstortingen in het hartezakje (bijzonder wanneer een gedeelte van het hart en van het hartezakje aangegroeid is) kunnen oorzaak van de verschuiving zijn. Buiten het hart zijn het uitstortingen in het borstvlies (etterborst, borstwaterzucht, pneumothorax), vernietiging van eenen borstvlieszak, veranderingen van de long (atrophie of cirrhosis, emphysema), gezwellen en uitstortingen in het middelvlies, slagaderbreuken der aorta, indringen van onderbuiksingewanden in eenen borstvlieszak door spleten in het middelrif (hernia diaphragmatica), zwellingen van de lever, van de milt, opzetting van de maag of van den karteldarm, uitzetting van den onderbuik door vloeistoffen, gas, zwangerschap , gezwellen enz., waardoor de meest verschillende ligchaamsveranderingen van het hart veroorzaakt kunnen worden.

§ 67. De verschuiving heeft naar verschillende rigtingen plaats: 1) Naar boven; de ruimte tusschen de grondvlakte van het hart en het sleutelbeen is geringer, en somtijds stoot, om zoo te spreken, het hart tegen het sleutelbeen ; de oorzaken dezer verplaatsing zijn inzonderheid hjpertrophie der lever (het hart rust in den natuurlijken toestand op den linker leverkwab; zwelling van dien kwab kan dus het hart naar boven dringen), opzetting van den onderbuik door buikwaterzucht, zwangerschap, gezwellen; voorbijgaande wordt somtijds de verschuiving van het hart naar boven veroorzaakt door overlading van de maag met spijzen en dranken , door ophooping van drekstofFen en gasverzameling in den dwarsen karteldarm.

§ 68. 2) Naar beneden. De hartslag is dan in den bovenbuik tot aan de 7de tot 9de rib voel- en hoorbaar en dikwijls vormt het hart zelfs eene merkbare uitpuiling in deze streek. Deze gevallen schijnen bij voorkeur als prolapsus cordis beschreven te zijn. De verkeerde ligging is bij eene zittende of liggende houding des lijders bijzonder in het oog loopend. De bovenrand van het hart kan 6—8 duim van het sleutelbeen verwijderd zijn (1). Men

(1) De rekking der vaten aan de grondvlakte van het aldus verschoven hart zou soms een gevoel van trekken in de bovenste streek des borstbeens, ongeregeldheid der kloppingen, dyspnoea (Piobrï), — de drukking van het hart op het middelrif zou volgens Corvisart hevige

Sluiten