Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

91

weekt; haar celweefsel los geworden, waarschijnlijk ten gevolge van het doortrekken en de drukking der uitzweeting. De vezelige plaat van het hartezakje, als ook het celweefsel, dat het aan het borstbeen vasthecht, zijn slechts weinig aangedaan; eerst na eenen langen duur en groote hevigheid der ontsteking verschijnt sterkere roodheid en verdikking van dit celweefsel, wei- en eindelijk ook etterachtige stolbare uitzweetingen. Het borstvlies kan aan de ontsteking deel nemen. Er ontstaan vergroeijingen van het hartezakje en van hel hart met de long en het middelrif. Het long weefsel kan door de uitzweeting in het hartezakje even als door uitstorting in het borstvlies zamengedrukt worden. Dikwijls zamenstelling met pleuris, longontsteking, buikvliesontsteking , ontsteking van het weivlies der milt. Bloedovervulling der lever, der hersenen, zuchtige zwelling der voeten en waterzucht der holten.

§ 213. De slepende pericarditis veroorzaakt volkomen gelijke veranderingen als de acute. Somtijds is zij gedeeltelijk, tot eene plek van het weivlies beperkt. Gedeeltelijke pericarditis staat tot de algemeene, wat hare menigvuldigheid aangaat, als 1 : 10. De uitzweeting bedekt alleen de aangetaste plaats en gaat meestal in een brugvormig lang aangroeisel over. Op de oppervlakte van het hart komen witte vlekken van verschillende grootte voor, die het gevolg van zulk eene gedeeltelijke ontsteking schijnen te zijn; zij zitten boven op de oppervlakte van het hartezakje en laten zich van het weivlies afhalen. Andere witte vlekken, die in het weivlies zelf of onder hetzelve schijnen te zitten en daarvan niet kunnen afgescheiden worden, behooren hier niet toe.

Verschijnselen.

§ 214. Dat de ontsteking van het hartezakje eene niets minder dan zeldzame ziekte is, blijkt daaruit, dat Louis onder 20 lijkopeningen altijd een geval van pericarditis vond, en Copland op éénen dag 4 gevallen, allen bij kinderen onder de 10 jaren, en driemaal gelijktijdig bij twee kinderen in hetzelfde huisgezin waarnam. Zoolang slechts de subjective en algemeene ziekteverschijnselen de grondbeginselen der herkenning uitmaakten , waaruit men het beeld der pericarditis moest zamenstellen, was de herkenning dezer ziekte eene allermoeijelijkste taak; weinige ziekten zyn zoo zeer geneigd als de pericarditis, om zich achter het masker van secundaire medegevoeligheden en zamenwerkingen te verschuilen en den waarnemer te verleiden, om de zitplaats der ziekte geheel ergens anders, dan in het hartezakje te zoeken. De nasporingen van Collik, Hope, Louis, Piorry, Bouillaud, Williams, HuonEs, Skoda en Kolletsciika hebben in weinige jaren de moeijelijkheden in de herkenning dezer ziekte zoo zeer uit den weg geruimd, dat het, inzonderheid door de pogingen van Skoda en Kollf.tschka mogelijk geworden is, om niet slechts het bestaan van de pericarditis in het algemeen te herkennen, maar zelfs de hoedanigheid en hoeveelheid van het door de ontsteking gevormd voortbrengsel met eene juistheid te bepalen, die in daartoe passende gevallen de aanwending van eene operative hulp tot de ontlasting van uitgezweet vocht uit het hartezakje toelaat. Hiermede willen wij niet gezegd hebben, dat de herkenning der pericarditis gemakkelijk is; de waarnemer

Sluiten