Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Delfzyl. Groning. 1819. — E. Slims! , in Traus. of med. and chirurg, soc. of Lond. Vol. VII. p. jiy. __ James, ald. >ol. VIII. p. 434. — Hemmer , in Hareess, rhein. Jahrb. Bd. V. St. 1. St. 60. Ciltermaniï, Gesclx. eincr epid. Herzentz. bei Delfzyl. irn J. 1814 , nebst Hendriks u. Huber's Beschreib. v. Hareess in d. Rhein. Jahrb. Bd. VI. St. I. S. 1. — F. L. Roex, Collectanea cjuaedam de carditide exsud. Lips. 1820. — Copland, in Lond. med. repository Vol. XV. p. 25. 1821. _ J. F. Meckel , Tab. anat. path. Lips. 1817. Fase. i. Th. Cox, Observat. on acute rheumatism and its metastasis to the heart.

l.ond. 1894. — Simonnet, Essai sur la cardite partielle et génér. Par. 1824. Glas,

Ueber Herzentzündung. Wurzb. 1826. _ A. H. Kraüse, De carditide idiop. acuta. Berol

1826 j en dezelfde in J. F. C. Hecker's litterar. Annalen 1828. H. 9. S. 21. Hilden-

brand, Instit. med. pract. Vol. 111. $ 569. — Broüssais, Examen des doctr. méd. etc. 2de Edit. T. IV. P. 305. — S. Pcchelt, De cardit. infant, etc. Lips. 1824. — Recahier, in Revue méd. T. IV. 1824. p. 336. — J. B. G. Barbier, Précis de Nosologie etc. Par. 1828. T. IJ. p. 553. — Gairdjïer , in Trans of med. and chir. loc. of Edinb. Vol. II. p. - ~ ' Brovv.t , Med. Essays on fever, inflammation, rheumatism, discases of the heart.

Lond. 1828. — P. M. Latham, Lond. med. gaz. Vol. III. p. 118, — M. E. A. Nedmann, Handb. etc. Bd. II. p. 104. — Watsos , in Lond. med- Gaz. Vol. XVI. p. 56, 61 , 164, 535. Bouillacd , Traite clin. des maladies du coeur etc. Par. 1835.'— Bocillaud , Nouv. récherches sur le rheumatisme artic. aigu etc. Par. 1836. — Bouillaud , Cliniqne médicale. Par. 1837. T. II. — Gola, in Omodei Annali , 1836. April. Sciimidt's Jahrb. Bd. XVII. S. 166. - B. V. Cazahedvk, in Gaz. méd. de Paris .1836. No. 26 en 27. Sciimidt's Jahrb. Bd. XX. S. 293. — Copland , Encyclop. Worterb. Bd. IV. S. 652. — pigeaux) Traité prat. des mal. du coeur. Par. 1839. p. 324. — Monneret, Compendium etc. T. III. p. 319 en T. II. p. 335. — Thürnam, in London med. Gaz. XXI. p. 645. Sciimidt's Jahrb. Bd. XXII. S. 308. — Brockmamï, in Hannöv. Annal. Bd. IV. H. 3.

Schmiut's Jahrb, Bd. XXIX. S. 180. — Kerslew, in Rust's Magaz. 1841. Bd. 57. H. 2.

Phuiïp, in Hüser's Arcliiv. 1841. Bd. I. H. 4. — Piorrï , Traité etc. p. lf>8. — Williams, Vorlesungen etc. p. 408. - Skoda, 1. c. S. 260. — Eisesmamk , D. FamilieRheuma. Bd. III. S. 83. .Ioy, in Libr. of Med Vol. III p. 325. — Sciijiidt's Encyclop. Bd. III. S. 586.

§ 2-35. Sinds de auscultatie en percussie op de herkenning van endo- en pericarditis toegepast zijn, heeft de herkenning deze toestanden eene zekerheid verkiegen, die men vroeger te vergeefs door het zamenrapen van een aantal losse subjective verschijnselen zocht te verkrijgen. Waar de natuurkundige teekenen ontbreken, zoo als in de ontsteking van de spierzelfstandigheid van het hart (Myocarditis), omgeeft ous nog dezelfde onzekerheid, en de mogelijkheid harer herkenning wordt door velen, b. v. Cazaneove waarschijnlijk wel met regt geheel ontkend. De myocarditis is echter ook als op zichzelven staande vorm de zeldzaamste soort van hartontsteking en bijna altijd slechts het gevolg eener ontsteking van het endo- of pericardium, en dus meest met de verschijnselen daarvan verbonden. Daar het van geen practisch nut is, om ons in wijdloopige redeneringen over hetgeen wij van de zeldzame myocarditis niet weten in te laten, vergenoegen wij ons, hier, waar wij bijzonder over endocarditis handelen, ook kortelijk de myocarditis' te vermelden en het practisch wetenswaardige daarvan op te geven.

Ontleedkundige kenmerken.

§ 23G. o) Endocarditis. Onder endocarditis moet men niet alleen strikt de veranderingen van het fijn weivliesaardig inwendig bekleedsel van de hartoppervlakte verstaan; in de meeste gevallen neemt ook het onder het endocardium gelegen cel- en vezelig weefsel, bijzonder in de streek der

Sluiten