Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

baden met daarop volgende inwikkeling in wollen dekens de trage huid tot hare natuurlijke werkzaamheid opgewekt.

IV.

BLOEDVLOEIJING.

BLOEDUITSTORTING IN DE ZELFSTANDIGHEID VAN HET HART (APOPLEXIA CORDIS, CR ÜVEILHIER ; HAEMOCARDIORRHAGIA PIORRT).

§ 262. Piorry merkt met regt aan, dat de naam van apoplexia cordis %oor de ziekte, die wij hier bedoelen, slecht gekozen is, voor zoover het woord apoplexie voor zeer verschillends uitlegging vatbaar is.

§ 283. Wij meenen hier bloeduitstorting op de in- of uitwendige oppervlakte van het hart onder den vorm van vlekken, uitvatingen, blutsvlekken, zoo als die somwijlen in scorbutische toestanden, in rotkoortsen worden waargenomen (men heeft ze ook na verstikking door kolendamp, na kinkhoest gezien), of \ an kleine omschrevene bloedverzamelingen (foyers apoplectiques) tusschen verscheurde, uiteen gedrongene spiervezelen van het hart zelf afgezet. Deze in het algemeen zeldzame uitstorting is óf geheel alleen staande, of er bestaan meer zulke uitvatingen; de grootte van de uitstorting verschilt van die eener erwt tot die eener amandel; het bloed is gestold of zwart, vloeibaar, later met etterachtige stof gemengd, de omringende spierzelfstandigheid wordt van lieverlede verweekt, en breekt zeer dikwijls naar binnen in de holte van het hart of naar buiten in die van het hartezakje open. In het eerste geval kan de bloeduitstorting een gedeeltelijk aneurysina van het hart m het tweede eenen plotselingen dood ten gevolge hebben en Crdveilhier houdt deze bloeduitvatingén voor een meer menigvuldige oorzaak van verscheuring van het hart, dan zelfs ontsteking en verzwering. De/e veran denng .s tot dusver slechts in de linker kamer, gewoonlijk in verband met liypertrophie, bijna altijd bij bejaarde lieden gevonden.

§ 28-*. De herkenning en behandeling dezer aandoening zijn onbekend.

V.

WATERZUCHT.

A. HYDROPS PERICARDII; (WATERZUCHT VAN HET HARTEZAKJE HYDROPERICARDIUM, HYDROPERICARDIA).

Copland, 1. e. T. Y. p. 106. Verg. de Literat. bij J. Frank , Prax. univ. etc. P. II. Yol. II. Sect. II. p. 169. — Schblhamier , D. de arjua pericardii. 1694. — Fa. Hoffjias» (resp. Gaaiz), D. de hydrope pericardii rarissimo. Hal. 1697. v. Opp. Suppl. II. 2. — Merker, D. de^ hydrocardia. ültiaj. 1711. — Landvoigt, D. de hydr. pericard.'dignoscendo. Hal. 1798. — Hei.necke , D. de hydr. pericard. Erf. 1799. — Modes D Essai sur 1-hydrop. du péricarde. Par. 1808. — Portal, Obs. sur Ia nat. et sur lc irait. de

Sluiten