is toegevoegd aan uw favorieten.

Tille

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vervelen ingeval ik niet onder de menschen kwam.

— Maar Mitje, ik kon eerlijk niet weg, en dan, 'k wou u geen last aandoen !

— 'k Was bijkans kwaad op u, 'k dacht: ik zal ze in haar vet laten stoven, maar ik had dan weer compassie, ge zijt immers altijd zoo'n deezeken geweest, en tusschen de nonnekens is het wel niet gebeterd.

— Ik verveel me overal, bekende zij.

- Toe, zijt ge niet beschaamd.

G'hebt nog niks van de wereld gezien. Kom we gaan vandaag eens naar 't Stadhuis zien trouwen. Ik kwam u halen... 'n mensch moet dat stillekensaan leeren, want mijnen vrijer Iaat me niet meer gerust!

— Mitje toch !

— Mitje toch, Mitje toch, ge moet gij er niet rood om worden, ik weet dat toch wel best, hij is zoo zot van mij als een musch van kersen, en een meiske moet uit haar oogen zien, want de zottigheid is aanstekelijk !

Op dit kapittel ging zij door, terwijl Tille bezig was met zich te verkleeden. Line waarschuwde haar telkens, noemde haar « frank ding » en « zottin », maar lachte. Dat was nu eens een echt